zondag 18 mei 2014

''Set your mind free, it's the year of Summer.''


Woensdag moest ik om acht uur beginnen met werken, ik probeerde een groot aantal van de gasten zelf in- en uit te checken, maakte grapjes met collega’s en  ik hoorde dramatische verhalen aan over de branden in de omgeving. De temperatuur was inmiddels gestegen tot een graad of 42 en in grote delen van Californië zorgde dat voor bosbranden of palmbomen die in brand vlogen. Best heftig en ondanks dat ik heel goed tegen hitte kan, wist ik ook niet meer waar ik het zoeken moest toen ik woensdag uit het hotel liep richting de parkeergarage.
Eenmaal thuis zette ik meteen de airco op standje iglo en kleedde me om. Een uurtje later zat ik weer in de auto op weg naar Hollywood voor een optreden van Niels Geuzebroek (die van ‘‘Take your time girl’’ en ‘‘Year of summer’’). Samen met Marije en Joanne had ik afgesproken en na mijn auto afgeleverd te hebben bij de valet-service liepen we naar binnen. In een klein zaaltje, met tafeltjes en zo’n 14 mensen publiek was Niels al begonnen met spelen. Omdat ik de afgelopen week zijn hele cd even uit mijn hoofd had geleerd, kwamen de meeste liedjes mij wel bekend voor. 


Na drie kwartier was hij klaar en kwam er een andere artiest optreden. Wat niet heel bijzonder was. Toch bleven we nog even luisteren, kwam Niels nog bij ons staan om te vragen wat we ervan vonden en vertelde hij dat hij wel 100 keer zenuwachtiger voor dit was, dan z’n optredens in Nederland op Koningsdag. En hoe apart het is dat hij hier in LA helemaal opnieuw moet beginnen, terwijl hij in Nederland net echt doorgebroken is. LA, the city of dreams, voor miljoenen mensen.


Donderdag ging mijn wekker weer op mijn favoriete tijdstip (not), 5.15. Ik kleedde me aan, ontbeet en stond om half zeven weer netjes achter de front desk. ‘‘Good morning, you’re checking out? Did you get a chance to take a look at your receipt this morning? Are there any charges pending? Can I charge the creditcard on file? Would you like a copy of your receipt with a zero balance? Do you need an envelop for your receipt? Can I offer you assistance with your luggage or a future reservation? Thank you for staying with us and have a great day!’’ Inmiddels kan ik die tekst wel dromen. De leukste uitdaging zijn nog wel de Koreanen en Chinezen of Italianen en Fransen, die geen woord Engels spreken. Met hand gebaren vraag ik ze dan of hun verblijf oke was en wens ze een fijne dag.

Het hoogtepunt donderdag was de allereerste comment-card die ik heb gekregen. Een comment-card is een kaart waarop gasten kunnen invullen hoe ze het verblijf hebben ervaren. Een van de gasten had daar het een en ander opgezet (heel positief) over hoe ik haar had ingecheckt. En nu ga ik de boeken in als allereerste Front Desk Agent die binnen twee weken al drie keer fooi en één comment-card heeft ontvangen. De comment-card hangt inmiddels boven mijn bed en ik bleef de rest van de dag glimlachen.

Om drie uur was ik klaar met werken en ging ik naar huis. Thuis heb ik drie seconden buiten gezeten en ben toen naar binnen gevlucht met mijn laptop om Grey’s Anatomy te kijken. ’s Avonds was er een borrel in Hollywood voor Nederlanders in LA en ik twijfelde of ik zou gaan. Ik was moe, viel bijna in slaap op mijn bed en had geen motivatie om mezelf toonbaar te maken. Toch wist Wendy mij te overtuigen en zo zat ik om half negen netjes in een bar in Hollywood, waar onder andere Wendy, Alex en Joanne ook waren.

Vrijdag was mijn vrije dag. Een tijdje terug ontving ik een mailtje van Lente die begin mei naar LA is gekomen om een taalcursus Engels te volgen. Zij stelde mij een aantal vragen en vroeg of ik zin had om een keer af te spreken wanneer zij in LA was, zodat ik over mijn ervaringen kon vertellen. Daar ben ik altijd voor in, en ik had vrijdag met haar afgesproken bij een grote shoppingmall in Cerritos (een uitkomst met die hitte). Na een wereldreis van een uur waarbij ik voor het eerst in mijn LA-auto-rij-carrière een volledige afslag gemist had en er dus nog langer over deed, kwam ik eindelijk aan. We gingen een broodje eten, ik kreeg de Nederlandse Cosmopolitan en Glamour en was daarmee meteen het gelukkigste meisje van de hele wereld. 


Daarna gingen we nog wat winkels kijken, kleren passen, een ijsje eten en rond een uur of vier namen we afscheid en zat ik weer in de auto richting Santa Monica voor een vrijdagmiddagborrel met Wendy.

Op onze hoge hakken en leukste jurkjes aan liepen we naar The Bungalow, dé hotspot van LA, in de tuin van het Fairmont Hotel. Zo’n plek waar in het geval dat mijn droomman in LA rondloopt, ik hem daar kan vinden. Loungebanken, lekkere cocktails, mooie barmannen en een uitzicht op zee. We bestelden allebei een drankje en vroegen aan twee mannen of we bij hen aan tafel mochten zitten. Ze bleken allebei in de IT te werken (een heel klein beetje saai) en een van de twee was ooit in Italie geweest en vertelde over zijn lievelings plek, Cinque Terre.   Wendy en ik kenden dat natuurlijk en de man heeft er 45 minuten over gedaan om op zijn Facebook-pagina een foto van Cinque Terre te vinden.

Toen we ons drankje op hadden gingen we terug naar Wendy’s huis waar Alex aan het koken was. Wendy en ik gingen nog even op het balkon zitten en even later gingen we met z’n drietjes vissoep eten en bespraken mijn interessante liefdesleven en Wendy en ik maakten plannen voor ons tripje naar New York volgend jaar februari. Na een half uur in de file te hebben gestaan was ik om elf uur thuis en dook mijn bed in.


Zaterdag was ik al vroeg wakker en keek nog even Grey’s Anatomy in bed. Om tien uur was ik weer present op mijn werk, mocht ik werken bij de Hilton Honors check-in balie. De speciale balie met rode loper waar de mensen die lid zijn van het Hilton Honors loyaliteits programma, komen inchecken.  Hilton Honors is een spaarprogramma, per verblijf ontvang je punten hoe meer punten, hoe meer dingen je krijgt. Variërend van gratis water op je kamer, tot gratis ontbijt of gratis overnachtingen. Ik checkte veel gasten uit, checkte nog meer gasten in en het was een soort mega gekkenhuis. Iedere nacht zit het hotel volledig volgeboekt, wat inhoudt dat wanneer mensen eerder dan vier uur komen inchecken, vaak de kamer die hen toegewezen is nog niet schoon is. In dat geval moet je een kamer die al wel schoon is en toebedeeld is aan een gast die nog niet is ingecheckt, omruilen met de kamer voor de gast die op dat moment voor je staat. En dat moet snel gebeuren, want gemiddeld zijn er vijf collega’s bezig met inchecken. Dat resulteert in een heen en weer geschreeuw van; ‘‘Don’t take anything from the 16th and 23rd floor please!!’’ and ‘‘Stay away from the 7th and 21st floor!’’ Ondertussen de gasten blijven bedanken voor hun geduld en daarna blij maken wanneer je een mooie kamer hebt gevonden, die al schoon is. Rond een uur of drie, toen ik mijn praatje over het hotel aan het houden was, schoot door mijn hoofd dat ik nu aan het doen was waar ik al die tijd van gedroomd heb. Volledig in het Engels gasten inchecken in een hotel midden in Los Angeles. Nu kan ik zeggen; missie geslaagd!

Now my will is strong and my doubt is gone
And I never think about what went wrong
It’s time to put the past behind
It’s not that I don’t know how to fight
It’s just that it’s time to put the past behind

En kan ik gaan werken aan mijn volgende droom, een baan in het Waldorf Astoria in New York. Maar eerst een tussenstop maken in Amsterdam volgend jaar. Voor een paar jaar ervaring opdoen en wonen in een grachtenpand. Al is dat laatste misschien iets te on-realistisch.  

Om half zeven was ik klaar en ging ik naar huis, om daarna naar Marije te rijden. We dronken samen wijn bij haar in de tuin en liepen daarna naar de Grove om uit eten te gaan. Om half elf was ik weer thuis. Moe en afgepeigerd lag ik even later in bed.

Vannacht sliep ik slecht, omdat het gisteren zo warm was, had ik de airco aangezet toen ik ging slapen en werd ik vannacht om twee uur wakker omdat ik ongeveer volledig bevroren was. Bed weer  uit, airco uit, korte broek omwisselen voor joggingbroek en toen weer mijn bed in. Ik droomde over hele gekke dingen en werd zo’n acht keer wakker. Ik besloot uiteindelijk maar om Grey’s anatomy te gaan kijken en een douche te nemen. Ik  facetimede met mijn moeder en ging naar Marije om een uur of half twaalf om pannenkoeken te bakken. 


Echte Hollandse pannenkoeken was het doel, zoals m’n oma ze altijd bakt. Dat lukte niet helemaal, ondanks dat we stukjes appel, kaneel en rozijnen door het deeg hadden gedaan, werden het meer pancakes dan dunne pannenkoekjes. Nadat we er een hadden opgegeten zaten we vol, dus de komende dagen eten we allebei pannenkoeken als ontbijt, lunch en diner. Ook een leuk vooruitzicht. 



 

dinsdag 13 mei 2014

''The DJ saved my night.''


Vrijdag was Armin-Day. Én ik was de hele dag vrij. Ik begon met  mijn bed te verschonen en twee wasmachines te draaien. Ik keerde mijn hele huis binnenste buiten om alles schoon te maken. Ondertussen wachtte ik tot mijn eerste was klaar was en hing deze op op mijn zelfgespannen waslijntje. Waar iedereen mij trouwens volledig om uitlacht, niemand heeft hier een waslijn, laat staan een droogmolen in de tuin. Overal gebruiken ze de droger voor. Ik blijf mij vasthouden aan de Nederlandse gewoonte en heb iedere keer handdoeken die ruiken naar ‘‘buiten’’. Ik ging nog even kletsen met m’n moeder op Facetime, reed langs de supermarkt en ging door naar Marije.

Samen gingen we lunchen in Hollywood bij een hotspot waar Miley Cyrus ook vaak komt. En Mila Kunis en nog zo’n 100 sterren. Er zaten ook alleen maar hippe mensen op het terras en het eten was een en al gezond en organisch. Ik koos een Griekse salade met kip en als dessert een stukje carrotcake. Marije koos als dessert de vegetarische chocolade (only in America). 

 
We bleven nog even onze green tea opdrinken en rond een uur of vijf gingen we met de auto richting The Forum, daar waar Armin van Buuren zou gaan draaien.  We waren er iets voor zessen, parkeerden de auto en bleven  wachten op Joanne die ook mee zou gaan. Ondertussen liepen we drie rondjes langs het stadion om te kijken waar de VIP ingang was en of we misschien illegaal naar binnen konden als enige meisjes uit Armin’s thuisland. Dat plan mislukte. Dus om half zeven liepen we maar netjes naar binnen, kochten een beker water en een cocktail en liepen naar onze plaatsen. Omdat we lekker last minute hadden besloten om te gaan, waren er alleen nog zit plekken beschikbaar. In Nederland zijn er tijdens zulke concerten niet eens zitplekken te krijgen geloof ik, maar hier wel.
 
In ieder geval begon Armin om stipt zeven uur te draaien, was de zaal nog maar voor een kwart gevuld en begonnen wij ons af te vragen waar we beland waren. Na een kwartier gingen we maar wat rondjes lopen en nog meer drinken halen. Na anderhalf uur was de zaal vol, waren de meeste plekken bezet en ging iedereen uit z’n dak. We hebben niet eens meer omgekeken naar onze zitplekken, liepen rondjes over de balkons, dansten en maakten mensen wijs dat we Armins familie waren. 

 
Wat natuurlijk iedereen geloofde. We hoorden eigenlijk in de VIP-area te zitten maar we hielden er meer van om om te gaan met ‘‘normale’’ mensen, daarom stonden we gewoon tussen het normale publiek, was onze tekst. Het leverde veel aandacht op, drankjes en heel veel lachbuien. Ondertussen kwam ik nog een collega tegen van de Front Desk, die inmiddels mijn nieuwe bff is op m’n werk, nu hij weet dat ik als heel net meisje ook van Armin houd. Dat ik uit hetzelfde land als Quintino, Afrojack, Hardwell en Armin van Buuren kom, maakt het nog interessanter voor hem.  In ieder geval was het eerste wat hij me vroeg toen ik hem tegen kwam; ‘‘Do you have pills?’’

Om elf uur sloot de bar, wat ook een beetje anders ging dan hoe het in Nederland gaat. En om stipt twaalf uur was het afgelopen. Het is dat ik hier geen filmpjes kan plaatsen, maar het was (om in Amerikaanse begrippen te praten) awe-some!

Zaterdag kon ik gelukkig iets uitslapen en hoefde ik pas om tien uur te werken. Ik was lichtelijk moe, werkte samen met m’n trainer. Die ik inmiddels heb geleerd hoe je I like you in het Nederlands zegt. Dus naast ‘‘Hello gek’’, ‘‘Good job, gek’’ zegt hij nu ook; ‘‘Iek wint juh aarrrrrduhg’’. Een hele verbetering.

Om half zeven was ik klaar met werken, rende ik bijna naar mijn auto, kleedde me snel om en ging naar Santa Monica voor de housewarming van Alex en Wendy. Met heerlijk eten, lekkere wijn, een waanzinnig-super-goed-dessert en leuke mensen.

Zondag was ik weer vrij en nadat ik vijf afleveringen van Grey’s anatomy had gekeken (ja, ik was vroeg wakker), ging ik mijn bed uit. Na een douche en een lange Facetime sessie met m’n moeder, die nogal verrast was door dit  bericht en filmpje (missie geslaagd!). 

 
Omdat we allebei zonder moeder bij de hand Moederdag moesten vieren, gingen Marije en ik samen lunchen bij le Pain Quotidien voordat we richting het strand reden. 
Op het strand waaide het mega hard, omdat er een hele hete lucht aan zat te komen (die inmiddels gearriveerd is, temperaturen rond de 36 graden Celsius zijn normaal deze week). Omdat we gezandstraald werden, verplaatsten we al snel naar het gras bij de boulevard om daar een beetje te lezen en palmbomen te bekijken en mensen te spotten. 

 
Na een paar uurtjes gingen we naar de Santa Monica Winebar voor nog een drankje en om een uur of zeven was ik weer thuis. Klaar voor nog meer afleveringen van Grey’s Anatomy. Mijn verslaving is zelfs zo erg dat ik al één aflevering van Flikken Maastricht achterloop en twee afleveringen van Smeris.

Gistermorgen moest ik weer om acht uur werken. Omdat er drie collega’s langdurig uit de running zijn en we nog steeds iedere nacht volledig volgeboekt zijn, was het nogal druk. Na een uur kon ik het niet meer aan dat al die gasten mij woest aankeken omdat ik naast m’n collega stond en alleen maar facturen aan het overhandigen was en mijn collega assisteerde. Dat ik zelf maar naar een computer liep. ‘‘I can assist the next guest in line over here!’’ En vanaf dat moment handelde ik alles zelf af. Ik ben eindelijk de denkbeeldige drempel over gestapt en maak zelfs grapjes met de gasten. Ben niet meer bang dat ik ze niet begrijp, want dan vraag ik het gewoon nog een keer. En ik ben niet meer bang dat ik fouten maak, ik ben hier niet voor niets om te leren. Honderd complimenten verder van mijn collega’s en één van gasten uit Slovenië (met alle Europeanen maak ik inmiddels vrienden), was het half vijf en tijd om naar huis te gaan.

Thuis trok ik andere kleren aan, ruimde het een en ander op, keek nog een aflevering van Grey’s anatomy en werd toen opgehaald door Wendy. Samen gingen we snel even lekker cheap Mexicaans eten (ik ga langzaam failliet in dit land) en naar de film, The Other Woman. Even verstand op nul en nergens aan denken. Een super leuke film, die zich afspeelt in New York (+1), met mooie mannen (+3) en een simpel verhaal.

Vanmorgen ging mijn wekker om 5.15 uur, oftewel op een belachelijk vroeg tijdstip. Nadat ik wakker was geschrokken van mijn wekker en een gekke droom sprong ik maar uit bed om me aan te kleden en te ontbijten. Om zes uur zat ik in mijn auto, radio hard aan en niemand op de weg, even lekker wakker worden. Op mijn werk werd ik begroet met ‘‘Goetemorken’’ door m’n trainer en liet hij mij alle reports printen. Ik deed ongeveer alle check-outs, kreeg een Skinny Vanilla Latte van Zwitserse gasten omdat ze mij vroegen waar de coffeecorner was en ik als grapje zei ‘‘Een Skinny Vanilla Latte, please!’’ Vijf minuten later kwamen ze een koffie brengen en waren al m’n collega’s jaloers. Ik ben zo goed met mensen uit Zwitserland. 


Het andere hoogtepunt was een oma uit San Diego die ik incheckte en die mij haar hele levensverhaal vertelde. Toen ik haar de liften wees drukte ze me tien dollar in m’n handen. Verder heb ik nog even vrienden gemaakt met twee piloten van een privéjet waarvan er één uit Zuid-Afrika kwam en dus best een beetje Nederlands sprak, waardoor m’n trainer weer een beetje verliefd op me werd met z’n Nederlands-fetish. Ik mag hopen dat het Nederlands elftal wint van Spanje, anders kost het me een sushi-date.


 

donderdag 8 mei 2014

''This is what it feels like.''


Afgelopen zondag was ik (weer) vrij. Ik wilde poging drie doen om op het strand terecht te komen, dus had ik met Marije afgesproken om naar Santa Monica te gaan. Om half elf pikte ze me thuis op en reden we naar de Santa Monica. Waar we eerst even koffie gingen drinken om daarna bruin te gaan worden op het strand. Ondanks dat er een klein windje stond, was het super lekker weer en deden we niets anders dan een beetje mensen kijken en een poging doen tot heel bruin worden. 
Rond een uur of drie hadden we honger en dorst en gingen we naar Misfit, een café/restaurant voor een cocktail en friet. Toen we eenmaal aan de bar zaten kwamen we erachter dat we toch wel bruiner waren geworden dan we gedacht hadden. We bleven nog even mensen kijken en rond een uur of vijf reden we weer richting huis. Ik ging thuis op mijn balkon nog even Netflix kijken, na tien jaar heb ik eindelijk Grey’s Anatomy ontdekt en ben ik verslaafd geraakt. Even wat minder Chuck en Blair in mijn leven en wat meer dokter McDreamy.


Maandag moest ik om acht uur beginnen en werkte ik weer een front-desk shift. Het is toch wel even pittig om weer helemaal opnieuw te moeten beginnen. Natuurlijk ken ik mijn collega’s wel redelijk, maar ik moet even leren om op een Amerikaanse manier gasten in te checken en uit te checken. Het taalgebruik, geen basic Engels maar hospitality Engels. Het drie keer noemen van de gastnaam, wat ik zelf echt haat wanneer iemand het doet, maar mijn trainer telt netjes op zijn vingers mee hoe vaak ik de gastnaam noem bij het in- en uitchecken. En het verstaan van de gasten, wat vrij lastig is met Chinezen die geen woord Engels praten, of Amerikanen met een accent waar ik niets van begrijp.

 Net als toen ik bij de telefooncentrale begon, een week of 13 geleden, moet ik mezelf nu weer even een drempel over slepen en gewoon initiatief nemen en gasten zelf gaan inchecken in plaats van voor de makkelijke weg kiezen en mee kijken. Mijn trainer is verbaasd dat ik het systeem al snap (ik heb niet voor niets de eerste weken dagen achter de computer doorgebracht..) en dat ik zulke intelligente vragen stel (zijn woorden..). Ondanks dat leg ik de lat nogal vrij hoog voor mezelf en wil ik het liefste gisteren al in mijn eentje een shift draaien. Wat enigszins ongebruikelijk is in de eerste week. Maar ik daag mezelf graag uit en wil dingen of meteen goed doen, of er gewoon niet aan beginnen. Maandag werkte ik samen met een vrouwelijke collega die ook zo door kan gaan als cabaretier, dus we hadden de grootste lol. De tijd vloog voorbij en voor ik het wist was het half vijf, tijd om naar huis te gaan. Ik pakte mijn tas, zei iedereen gedag en ging naar de supermarkt om boodschappen te doen.

Dinsdag ging mijn wekker lekker earlybird om kwart over vijf en stond ik om half zes mijn tanden te poetsen en te make-uppen. Ik werkte weer samen met mijn mannelijke trainer, die al vier keer heeft verteld dat hij zich meer Europeaan voelt dan Amerikaan. Want z’n oma komt uit Spanje en als hij met vrienden uit eten gaat dan doet hij daar 2 uur over en de gemiddelde Amerikaan werkt in een half uur een heel drie gangen diner naar binnen. Hele goede beargumentatie.. Ik vertelde hem hoe wij in Nederland bij veel dingen vaak zeggen; typisch Amerikaans. En hij kwam niet meer bij van het lachen. Daarnaast wilde hij graag Nederlands leren. En dan vooral de slechte woorden. Omdat mijn manager Nederlands is, wilde ik daar eigenlijk niet aan beginnen, want je weet nooit. Dus begon ik met ‘graag gedaan’, wat enorm grappig klinkt wanneer een Amerikaan dat zegt. Ik deed een paar check-in en check-outs zelf en rond een uur of elf zag ik in de rij naast me een man staan met twee kinderen. Mijn collega checkte ze uit, ik werpte een blik op zijn computer en zag dat de gasten uit Nederland kwamen. De man vertelde tegen mijn collega in het Engels dat ze naar Santa Monica zouden gaan en toen de man weg liep zei ik; ‘‘heel veel plezier in Santa Monica’’. Heel even stonden de man en zijn zoon en dochter stil. Ze draaiden tegelijk hun hoofd om en zeiden; ‘‘WAT? Spreek jij Nederlands?” Dat zijn zulke leuke momenten. We raakten aan de praat en de man vertelde dat zijn vrouw twee jaar geleden was overleden en stewardess was. Hij wil nu aan zijn kinderen de plekken in Amerika laten zien waar hun moeder vroeger allemaal is geweest. Heel ontroerend en bijzonder. Toen ze vertrokken vroeg mijn trainer hoe ik wist dat het Nederlanders waren. ‘‘It is the way they look.’’ Antwoordde ik. Mijn trainer lag bijna op de grond van het lachen. Hij vroeg of ik alsjeblieft Nederlands tegen hem wil praten want het klinkt zo ‘‘clean’’, ik geloof dat hij een Nederlandse-taal-fetisj heeft. Maar leuk is het wel, eindelijk kan ik iets wat mijn collega’s niet kunnen; Nederlands praten.

Na mijn werk ging ik naar de Starbucks en regelde ik drie tickets voor The Forum morgenavond waar Armin van Buuren gaat draaien. Mijn ‘‘Dutch friend’’ zoals ik al mijn collega’s wijs maak. Nog iets leuks van uit Nederland komen, alle bekende DJ’s zijn ongeveer Nederlands, wat het nog interessanter maakt dat ik uit hetzelfde land als Armin en Tiësto en Martin Garrix en Hardwell kom. Trots vertel ik mijn mannelijke receptie collega’s dan ook dat ik bij de VIP-ingang van Sensation White heb gewerkt en Amsterdam Dance Event. En dat ik 100000  DJ’s daar in real life heb zien rond wandelen (af en toe de verhalen een mini beetje aan dikken doet wonderen), nu vinden ze me allemaal nog leuker.  


Woensdagochtend moest ik om acht uur beginnen en was ik wederom samen met mijn trainer, die inmiddels ook de slechte Nederlandse woorden wil leren. Ik heb hem maar de Nederlandse versie van ‘‘crazy’’ geleerd, wat inhoudt dat hij nu iedere zin die die tegen mij zegt beëindigt met ‘‘gek’’. ‘‘Hi, how are you, gek!’’ ‘‘Good job, gek!’’ ‘‘You’re so smart, gek!’’ ‘‘Let’s go to lunch, gek!’’ En ik ben intens gelukkig dat ik hem niet kut, klootzak of idioot heb geleerd. Ondertussen vraagt hij iedere gast die uit Europa komt of ze Nederlands kunnen praten of het nou Italianen, Zwitsers of Fransen zijn.

Tussen het inchecken door begon hij over de Worldcup en vroeg zich af of ik nog wist wie de finale had gewonnen vier jaar geleden. ‘‘I don’t talk to you anymore’’, antwoordde ik. Hij zocht op internet even de prognoses op voor dé wedstrijd die op 13 juni plaats gaat vinden (Spanje-Nederland), en printte dat ook even uit zodat ik niet kon vergeten dat Nederland waarschijnlijk voor de achtste finales al naar huis mag gaan. Ik bleef volhouden dat Nederland heus wel wint en dat ik 14 juni in mijn oranje jurk met vlag om mijn schouders naar het werk toe ga en heel hard ‘‘We are the Champions ga zingen.’’ 

Ondertussen was er voor de front desk nog een aflevering van Crime Scene Investigation gaande, een gast had ingecheckt met een valse cq gestolen creditcard, ingecheckt met een valse identiteit en werd nu gezocht door mijn collega’s van Security. Never a dull moment in de hotellerie. Verder assisteerde ik netjes bij het in- en uitchecken van gasten, maakte kamersleutels en oefende op mijn welkom en goodbye speech. ‘‘Do you need any assistance with your luggage or a future reservation? Thank you for staying with us, hope to see you again soon! Have a great day mr. Blabla and don’t work to hard.’’

Wat het af en toe ook lastig maakt, is dat mijn kennis van Amerika en de Amerikaanse gebruiken niet 100% is. Zo was er een grote groep gasten van de politie die kwamen inchecken. Een van de gasten begon een heel verhaal over 5051, hij noemde dat een keer of 15 en ik had geen enkel idee waar hij het over had. Na een minuut of tien was hij uitgepraat en vertrokken en vroeg ik mijn collega wat dat betekent. ‘‘Weet je dat niet?!?!?!?! Serieus?? Waar leef jij!!’’ ‘‘Normaal gesproken in Europa.’’ (Soms heb ik het idee dat ze vergeten dat ik niet hier geboren ben, behalve wanneer ik mijn mond open trek en Engels ga praten met Europees accent). 5051 is blijkbaar een Amerikaanse term voor de politie wanneer ze een doorgedraaid/crazy persoon hebben opgepakt of moeten arresteren. Inmiddels is die term zo bekend dat de gemiddelde Amerikaan die term ook gebruikt en ook de criminelen dat codewoord kennen.

Natuurlijk ken ik de meeste namen van de staten wel, maar heb ik geen idee waar ze liggen. Het standaard praatje van mijn collega’s over het weer in de staat waar de gasten vandaag komen kan ik al niet houden (ja, ook hier praten ze graag over het weer). Zinnen als ‘‘How is it with the snow in Miami?’’ komen een beetje dom over. Dus probeer ik het maar te houden op ‘’How is the weather over there?’’ En knik en lach maar een beetje mee wanneer ze antwoorden en doe alsof ik er alle verstand van heb. Wat wel leuk is, is dat er The Netherlands op mijn naambordje staat, dus heel veel gasten vragen daarnaar. Dat ze bij de Fortis bank hebben gewerkt in Utrecht, wat voor schoenen ik draag (nee geen klompen) en of het nu tulpen seizoen is. En dat ze een Nederlander op Instagram volgen..

zaterdag 3 mei 2014

''Did you die?!''


Na drie dagen minivakantie begon ik maandag aan mijn laatste Housekeeping week. Ik startte met meehelpen in de wasserette, nam mijn eerste pauze na een uur en vertrok even later gewapend met een stapel reports, een sleutelbos en mijn walkietalkie naar de bovenste etages om kamers te controleren. Om half vijf was ik eindelijk klaar en nadat ik boodschappen had gedaan plofte ik neer op mijn balkon om nog even bruin te worden in de zon.

Dinsdag moest ik al om zeven uur beginnen, dus ging mijn wekker om half zes. Omdat ik al de rol van supervisor had vervuld, die van office coördinator en die van kamermeisje, bleef alleen de rol van wasserette medewerkster nog over. En zo stond ik om zeven uur tafellakens in de strijkmachine te stoppen. In een ruimte waar het dertig graden was en iedereen in losse broeken en t-shirts liep. Ik had natuurlijk niet mijn pak aan getrokken, maar wel een lange broek en een net shirtje met lange mouwen. Ik vind het toch ongepast om in t-shirt rond te lopen op m’n werk. Na vijf minuten had ik daar al spijt van. Na de tafellakens begonnen we aan de servetten en de kussenslopen. Na de eerste pauze gingen we door met het bed linnen. Oftewel de lakens in de machine stoppen, en die kwamen er aan de andere kant weer uit. Het enige wat deze meiden gedurende de dag doen is linnen uitzoeken op soort en in de strijkmachine stoppen. Ik heb er inmiddels bergen respect voor, hoe je dit werk iedere dag met een glimlach kan doen. Wat het voor mij nog iets zwaarder maakte is dat deze meiden ook geen woord Engels spreken. Dus communiceren zat er niet in, ik heb de hele dag (op de pauzes na dan) met niemand gepraat. Alleen af en toe geglimlacht en ik was dan ook dolblij toen het half vier was en ik naar huis mocht.
 
(Deze foto is overigens van maandagmorgen, toen ik maar een uurtje in de wasserette hoefde te helpen.)

Eenmaal thuis lag er weer een grote envelop op mij te wachten met twee hele leuke tekeningen van twee nichtjes en een lieve kaart. Het wordt inmiddels tijd voor prikbord nummer drie, zo leuk!


Ik bedacht ik me dat het na een week met een tafel achterin te hebben rond gereden, wel tijd was om die tafel eindelijk eens uit de auto te halen. Zo gezegd, zo gedaan en even later had ik alle onderdelen van de oude tafel van Wendy en Alex boven in m’n appartement. Omdat het zulk lekker weer was (rond de 35 graden, de hele week) kleedde ik me eerst om en ging ik naar het Towncenter om even bij de coffeebean te gaan drinken en een blog te schrijven voor JDRF. Ik had mijn oranje jurk aangetrokken en ging met een iced green tea op het terras zitten. Ik was druk aan het typen toen er een vrouw langs liep en ineens zich omdraaide en terug liep, naar mij toe. ‘‘O my, your dress is sooooo amazing!’’ Ze vertelde dat ze al weken op zoek was naar een echte designer oranje jurk, want ze heeft volgende week een gala met dresscode oranje. Ik vertelde dat ik de jurk voor 20 dollar bij Forever 21 had gekocht voor Dutch Kingsday (waar ik hem uiteindelijk niet eens gedragen heb, maar dat terzijde). Ze geloofde er niks van en vroeg me op te staan zodat ze er foto’s van kon maken en meteen door kon gaan naar de winkel om die jurk te gaan kopen. Ik vroeg haar wat voor gala het was en ze barstte spontaan in huilen uit. In tranen vertelde ze dat het voor de ziekte was waar ze aan lijdt, lupus. Een ziekte waar ze uiteindelijk aan gaat sterven omdat er nog maar zo weinig over bekend is en er geen medicijn voor is. Ik wist heel even niet wat ik met de situatie moest. Maar bedacht me dat ik nog een nieuw flesje water in mijn tas had zitten dus bood haar aan om te gaan zitten en even wat te drinken. Ze vertelde over een website die ze had gemaakt om bekendheid te genereren voor haar ziekte en gaf me haar visite kaartje. Ze liet me foto’s zien van haar dochter die in Frankrijk op een boerderij werkt en vertelde over het gala. Een uur later stond ze op om naar de Forever 21 te gaan, op jacht naar mijn oranje jurk. Het is dat ze niet dezelfde maat had, anders had ze hem zo van mij gekregen. Dankzij dit gesprek realiseerde ik me even hoe blij ik ben met de uitvinding van insuline. En dat je toch echt niet moet wachten voor je je dromen waar gaat maken.

Terug in mijn huis ging ik de tafel in elkaar zetten, daar draai ik inmiddels mijn hand niet meer voor om. Verhuisde mijn zwarte tafel naar buiten, nu heb ik daar eindelijk een fijne zitplek. En zette nog even wat nep-bloemetjes overal neer. Zo blij als een kind met mijn nieuwe interieur, ging ik even later naar bed en viel als een blok in slaap.



Woensdag was mijn allerlaatste Housekeeping dag. Ik was weer supervisor, genoot ervan dat ik voor de laatste keer mijn sleutel op kon halen, hield me in om niet van de daken te schreeuwen dat het mijn laatste dag was. Ik wil absoluut niet dat mijn collega’s denken dat ik mijn tijd in Housekeeping niet gewaardeerd heb. Het was zwaar, maar een uitdaging. Daar houd ik het bij.

Ik telde nog net niet de uren af, en was heel blij toen ik om half vier door de manager werd opgeroepen om naar beneden te komen. Ik had haar gevraagd of ze me wilde vertellen hoe ze roosters maakt, zodat ik daarvan kon leren. Ze legde het een en ander uit en we raakten aan de praat over hoe ik Housekeeping heb ervaren. We hadden het over haar manier van leiding geven. Over wat ik geleerd heb de afgelopen tijd, en dat ik het niet alleen lichamelijk zwaar vond, maar ook geestelijk. Meisjes van mijn leeftijd, die al drie kinderen hebben en werken voor nog minder dan 10 dollar.  Die dan van mij, als meisje van dezelfde leeftijd, overgevlogen uit Europa krijgen te horen dat ze hun werk niet goed doen. Dat was nog het meest pittige. Gelukkig dat het minimumloon hier in Amerika verhoogd wordt, dankzij Obama. In juni met tientallen centen en in december nog een keer. Ze vertelde over haar eigen familie en haar historie. En over de vele illegale Spaanse families in dit land en alle problemen die dat met zich meebrengt.  

De manager gaf me één belangrijke raad mee; blijf vechten voor je eigen medewerkers en zorg ervoor dat je als manager altijd 50% voor je medewerkers werkt en 50% voor de directie. Met dat in mijn achterhoofd bedankte ik haar voor alles, en leverde ik voor de laatste keer mijn sleutels in bij security.

Ik reed naar huis, kleedde me om, deed boodschappen en ging op weg naar the Grove in Hollywood om te shoppen met Wendy en Alex en een hapje te gaan eten. Om mijn housekeeping-einde te vieren.

Donderdag was mijn allereerste dag bij de Front desk. Daar waar ik al maanden naar uitkeek ging eindelijk gebeuren en ik moet toegeven, ik was redelijk zenuwachtig. Om half zeven moest ik beginnen en werd ik in het Spaans welkom geheten door de collega die mij zou inwerken.  Ik zei meteen (met een knipoog) dat ik getraumatiseerd ben door de Spaanse taal en iedereen negeer die Spaans praat. Hij ging al snel over naar het Engels. We gingen aan de slag, of nouja, hij ging gasten uitchecken en ik stond als een soort standbeeld naast hem. Na een half uur begon ik vragen te stellen en na een uur was hij zo klaar met al mijn vragen dat hij vroeg of ik alsjeblieft weer naar Housekeeping terug kon. Ach, het was in ieder geval gezellig.

Om elf uur kwamen de eerste gasten alweer inchecken (de normale check-in tijd is vier uur), er kwam een vader met een zoon en een dochter aangelopen en mijn collega vroeg wat hun naam was. ‘‘De Ruiter’’ antwoorde de man. ‘‘He, dan kunnen we gewoon Nederlands praten’’, antwoordde ik. En dát was hoe ik het me had voorgesteld, maanden geleden toen ik begon met mijn banenjacht in Amerika.

De gasten waren volledig verbaast, en mijn collega’s vielen ook stil want die hadden mij nog nooit Nederlands horen praten. Het was zo leuk om in mijn eigen taal te praten met deze mensen en ik merkte dat ik af en toe naar woorden moest zoeken, omdat ik de hele morgen al non-stop Engels aan het praten was. De collega die mij trainde was volledig onder de indruk, ‘‘leer mij Nederlands want het klinkt zo sexy’’.  Tsja..

De rest van de dag keek ik mee, maakte ik sleutels aan, leerde ik het systeem en maakte ik me enigszins zorgen of ik de Amerikaanse manier van inchecken ooit zou leren. De zinnen die je moet zeggen (in het Engels dan), ‘’Mijn naam is Anne (de gasten een hand geven), als er iets is wat ik voor u kan doen tijdens uw verblijf laat het me weten want ik doe er alles aan om uw verblijf in dit Hilton hotel de beste Hilton ervaring ever te maken!!’’ De gasten die klagen over de meest kleine dingen, waarvan ik stiekem denk; ‘‘Did you die?’’. Oftewel, er zijn ergere dingen.

Mijn collega’s zijn leuk, de manager blijft mij netjes miss Anne noemen. En heeft al vierentwintig keer gezegd dat ik echt niet onzeker moet zijn over mijn Engels (geen idee waarom ik daar alsnog onzeker over ben..) en dat het echt goed gaat komen.

Donderdagavond haalde Marije mij thuis op en gingen we langs de Ikea om nog wat dingen te kopen en liepen we naar het Burbank Towncenter, waar het nog heel druk was, het was nog steeds boven de 25 graden..

Mijn tweede vrije dag van de week was vrijdag. 2 mei, m'n tweede diabetes-verjaardag.

Ik had met Wendy afgesproken om naar het strand te gaan, maar Wendy whatsappte dat ze ziek was en dat ging even niet door. Dus nam ik uitgebreid de tijd om op mijn balkon met Nederland te gaan skypen, met mijn benen in de zon. Rond een uur of één ging ik naar de Starbucks met mijn laptop en regelde nog een aantal dingen en at een ijsje bij mijn lievelings Yoghurtland. 
Ik reed later weer naar huis om mij om te kleden en haalde Marije op voor een etentje met Laura (die ook uit Ermelo komt en de directrice is van de Nederlandse school hier). We aten bij een Seafood restaurant en gingen daarna naar een café ernaast voor de maandelijkse ‘Dutch women in LA’-borrel. Een leuk tentje, leuke mensen en leuke meiden en lekkere (alcoholvrije want auto…)-cocktails.

Vandaag was mijn tweede frontdesk dag en de eerste gasten die ik samen met mijn collega uitcheckte, was de Nederlandse vader met zijn twee kinderen. Toeval bestaat niet!

 

zondag 27 april 2014

''Happy Kingsday, all the way from LA! ''


Vrijdagmorgen was het de bedoeling dat ik ging uitslapen, maar na vijf dagen om half zeven wakker te zijn geworden, werd ik dat ook op de zesde dag. Dus nam ik een douche, ontbeet, reed even voor wat boodschappen naar de supermarkt en ging op weg naar Santa Monica waar ik met Wendy had afgesproken voor een koffiedate. We bestelden allebei een latte bij de Coffee Bean en gingen op het terras zitten. Waar we al na een paar minuten spijt van kregen want het was koud, een van de koudste Californische April-dagen in de geschiedenis. Al moet ik erbij zeggen dat ik inmiddels al redelijk verpest ben. Met 20 graden loop ik in mijn lange broek en jasje over straat, vanaf 25 graden gaan we pas echt praten.

Na onze koffie gingen we winkels kijken, veel kijken en vooral niet kopen. Omdat Wendy een afspraak had om één uur, besloot ik om in Santa Monica te blijven en te gaan lunchen. Dus regelde ik ‘‘a table for one’’ bij Le Pain Quotidien en bestelde een cappuccino met een geitenkaas salade. 


Ik had mijn laptop meegenomen, dus ondertussen stuurde ik verschillende mails en las de Nederlandse nieuwssites. Barbie die weer met een nieuwe serie op tv komt, Amanda Krabbé die bergen alimentatie gaat krijgen, Sylvie die wraak wilt nemen op Sabia en Rafael, ik was weer volledig op de hoogte. En natuurlijk las ik over de twee meisjes die nog steeds vermist zijn in Panama. Redelijk confronterend omdat ik me zo in kon leven in die familie. Die hebben ook op Schiphol gestaan zoals ik met mijn familie afgelopen januari. Die hebben ook Skype-dates afgesproken met hun dochters/zusjes, en die meiden wilden net als ik ook nieuw avontuur in hun leven. Wat, ik vrees, niet goed afgelopen is. Naar nieuws om over te lezen.

Na mijn lunch verplaatste ik naar het terras, waar het zonnetje een klein beetje begon te schijnen. Toen ik net klaar was en eigenlijk richting huis wilde gaan kreeg ik een berichtje van Wendy of ik zin had in happy hour. Altijd! 

 
En zo zaten Wendy, Alex en ik even later in het Penthouse van The Huntley Hotel. 



Met een uitzicht over de zee, bergen en heel Santa Monica. Met als hoogtepunt de toiletten, die een super groot raam hadden en zo kon je wanneer je op het toilet zat naar de zee kijken.


We hadden een grote tafel, en even later kwamen er twee dames en een man aan de andere kant zitten. We raakten aan de praat en het bleek dat de man uit Zuid Afrika kwam, een van de vrouwen uit Groot-Brittannië en de ander uit Australië. En zo zaten we met zes verschillende culturen aan één tafel, typisch LA en best bijzonder! De man begon te vertellen over de verschillen tussen het Zuid-Afrikaans Nederlands en het gewone Nederlands. Zei dat  ze daar de Nederlandse altijd een klein belachelijk maken, en vaak als grapje zeggen; ‘‘Aangenaam kennis, mijn naam is Dennis.’’ En wanneer je daar op de middelbare school je richting en vakkenpakket moet kiezen zeggen ze in het Zuid-Afrikaans ‘‘Kis je kont en vak’’. Spreek dat maar eens hardop uit.
 

Zaterdag werd ik wakker en toen ik Facebook opende zag ik alleen maar oranje, ik zag feestvierende mensen én de mooiste foto’s van een party-end Amsterdam. Ik sloot Facebook af, besloot niet meer op Instagram en Twitter te kijken en ging vanuit bed nog even Flikken Maastricht terug kijken. Daarna ging ik douchen, ontbijten en naar de supermarkt. Ik kocht daar kleine cakejes, m&m’s en oranje fondant om er oranje cakejes van te maken voor de Koningsnacht-party van die avond. 


Na een uurtje was ik klaar, ging nog even wat Skypen, ruimde mijn huis op, lakte mijn nagels oranje en reed naar het winkelcenter om daar wat oranje details te zoeken. Ik kwam thuis met een oranje strik, een nieuwe witte blouse en een blauw kort broekje.
 

Rond een uur of vijf was ik omgekleed en wel, klaar voor Kingsnight. En reed ik naar het huis waar Marije nu woont en pikte haar op. Samen gingen we naar de backyard-party. Met veel mensen in het Oranje, Nederlandse muziek, verschillende hapjes en drankjes, het voelde bijna als een feestje in Nederland.


Ik was rond één uur thuis, mijn wekker ging vanmorgen weer om acht uur. Want om tien moest ik weer paraat staan bij het Stubhub Center, het stadion van LA Galaxy (ja, daar waar David Beckham ooit heeft gespeeld). In LA vierden we vandaag Dutch Kingsday en ik was met Wendy en Alex vrijwilligers voor de Dutch School. 

 
We hielpen met het één en ander klaar zetten, kregen een lunch aangeboden, en hadden onze eigen naamkaartjes. Wendy en ik zaten achter een tafel waar de ouders van de kinderen een verklaring moesten ondertekenen dat ze zelf verantwoordelijk zijn wanneer er iets met de kinderen gebeurt tijdens het spelen op het springkussen. Het is en blijft Amerika..
Op het hele terrein waren eetkraampjes, patat met frikadellen en kroketten, Hollandse Haring, stroopwafels, kraampjes met Oranje shirts, kettingen, vlaggen en hoeden. Overal stonden grote posters van Amsterdam, van molens, van tulpen, van koeien. Best bizar, zo ver van Nederland. 


 
We bestelden een patat speciaal met een frikandel speciaal (waar ik me serieus al drie weken op verheugd had) en het was een totale deceptie. De patat was Amerikaanse patat, smaakte in de verste verte niet naar Smullers of Friet van Piet of (voor de Ermeloërs) ‘‘Het Hoekje’’-patat. De frikandel was gewoon een gehaktstaaf en de mayonaise was Amerikaanse mayonaise, smakeloos en veel te waterig. Maar het zag eruit als een Nederlands patatje en ik heb het dan ook netjes opgegeten. Helaas verlang ik nu nog steeds naar een echte Nederlandse patat.


Ondanks dat het Dutch Kingsday was, had het toch een enorm Amerikaans tintje en natuurlijk kwam het niet eens in de buurt van een Nederlandse Koningsdag in Amsterdam. Er werd veel Engels gepraat, niemand zong mee met Guus Meeuwis en niemand kende ‘‘Ik neem je mee’’.  De stroopwafels rekende je (natuurlijk) af met dollars, net als de patat met frikandel (10 dollar..). Toch heb ik me wel vermaakt, alles wat met Nederland te maken heeft maakt me gelukkig sinds ik hier ben, dus dit ook. Wat ook leuk was de afgelopen dagen, was dat ik veel mensen weer tegenkwam die ik de afgelopen maanden heb leren kennen. Op feestjes, op borrels, ik ben er ondertussen achter dat ik toch meer mensen al ken hier dan ik ooit had durven denken. Inmiddels zit ik mijn blog te schrijven, met mijn oranje ‘‘Dutch Kingsday’’ armbandje nog om, de oranje nagellak op mijn nagels en nu ik naar buiten kijk en de blauwe lucht en de palmbomen zie begint het volgende nummer op mijn iPhone; ‘‘is there somewhere else where I'd rather be?’’ (Aloe Blacc).


donderdag 24 april 2014

''We come to work, we come for a better life, we come to participate in the American Dream.''


Pasen bracht ik dit jaar vooral werkend door. Goede vrijdag moest ik werken, en zondag moest ik werken. Maandag ook, maar tweede paasdag kennen ze hier niet, dus dat telt niet. In ieder geval bestond mijn paasontbijt uit twee crackers met chocoladepasta en een glas water. Op mijn werk begroette iedereen elkaar met ‘‘Happy Easter’’ in plaats van ‘‘goodmorning’’ en hoorde ik alle verhalen aan over de mandjes met snoep die mijn collega’s voor hun kinderen hadden samengesteld. En iedereen had het over de eieren die versierd moesten worden. Een echte Paasgedachte heb ik niet gehoord, ondanks dat veel mensen hier altijd enorm van God zijn en teksten als ‘‘With God everything is possible’’ te pas en te onpas roepen.

Tot half zes ging ik weer kamers controleren en na mijn werk was ik moe. Ik ging even langs de supermarkt en even later zat ik op mijn balkon de nieuwe LINDA te lezen.

Maandag moest ik weer werken tot half vijf, wederom meer dan 100 kamers gecheckt. Grapjes gemaakt met collega’s die wel Engels spreken en de uren afgeteld tot het tijd was om uit te klokken. Na mijn werk ging ik naar de Ikea. Omdat die bij mij om de hoek zit en Wendy het een en ander nodig had van Ikea, had ik beloofd om dat te kopen omdat ik dinsdagavond toch naar Santa Monica zou gaan. En daarbij had ik meteen een excuus om weer een hotdog te eten.

Eenmaal thuis ging ik nog even tv kijken, mijn vloer dweilen en een boek lezen in bed. Tot ik bijna in slaap viel.

Dinsdag was ik voor de verandering weer floorsupervisor. Inmiddels hebben jullie wel een idee hoe mijn werkdagen op Housekeeping eruit zien. Ik heb ontzettend veel zin om volgende week naar de Front Desk te gaan en mijn collega’s van de Front Desk ook. ‘‘De gasten wachten al op je!’’ en ‘‘Ik kan niet uitleggen hoe excited we zijn dat je volgende week weer bij ons team hoort!’’, hoor ik nonstop wanneer ik mijn Front-Desk collega’s tegen kom. Ookal is het misschien de Amerkaanse overdrevenheid, ik heb wel het idee dat ook zij blij zijn dat mijn tijd op Housekeeping er bijna op zit.

Toch heb ik heel veel geleerd, ik heb mijn best gedaan om de dames het gevoel te geven dat ik respect voor ze heb en ik probeer Spaanse woordjes van ze te leren. Kwam ik in het begin nog ’s ochtends binnen en zei niemand wat tegen mij, inmiddels zeggen ze allemaal ‘‘Buenos Dias Anne’’.  Ze vragen hoe het met me gaat, of ze lachen vriendelijk. Of  ze vragen wanneer mijn vrije dag is, omdat ik zoveel dagen achter elkaar werk. Ondanks dat er een ontzettend grote taalbarrière is, heb ik wel het gevoel dat ik mijn best heb gedaan om hen te leren kennen en te helpen, in mijn rol als supervisor. In het begin keken ze nog de ‘‘kat uit de boom’’ en probeerden ze me uit. Expres het een en ander in een kamer laten liggen om te zien of ik dat wel opmerk, of zeggen dat al hun kamers bezet zijn zodat ik de kamers niet kan controleren, het blijven vrouwen onder elkaar.  Ik voelde me nogal opgelaten de eerste weken. Als Europees meisje, dat alles heeft wat haar hartje begeerd, zomaar een groep dames aansturen die voor hun gevoel tot de onderste laag van de bevolking behoren. Ik heb geleerd dat het (hoe erg ook) heel veel uit maakt waar je geboren bent. En dat er in LA een groot klasse verschil zit tussen de blanken en de getinte mensen.  De getinte mensen voelen zich achtergesteld en hebben het gevoel dat de blanken zich te goed voelen voor het werk dat zij doen. Met als gevolg dat ik mij schaamde wanneer ik in mijn auto langs hen reed, wanneer zij na het werk lopend op weg waren naar de bushalte. Of wanneer we aan het lunchen waren en ik mijn iPhone pakte terwijl zij smsten met een Nokia 3310.

Voor mij zou een perfecte Housekeeping baan een combinatie tussen Office-Coordinator en Floor Supervisor zijn. De hele dag supervisor zijn is nogal saai (vooral door het taalprobleem) en de hele dag office-coordinator zou ik ook niet willen zijn, want dan zit ik als nog de hele dag op een stoel. Een combi van die twee functies, in een hotel waar iedereen een taal spreekt die ik ook spreek, zou perfect zijn. In het Waldorf Astoria in New York bijvoorbeeld (open sollicitatie).

Dinsdagmorgen kwam de General Manager de dagopening bijwonen. Het hotel waar ik voor werk geeft de fulltime medewerkers de mogelijkheid om gebruik te maken van een zorgverzekering. Omdat  Obama zijn Obama-care heeft ingevoerd, wat in Nederland op het nieuws nogal als een geweldig iets wordt beschouwd, hier in Amerika zijn niet alle mensen er blij mee. Tenminste wanneer ik mijn collega’s mag geloven.  Natuurlijk is het idee geweldig, voor iedereen de mogelijkheid om zich te verzekeren, en er zijn meer mensen dan verwacht die zich hebben aangemeld. Dat staat voorop. Het probleem waar mijn hotel mee worstelt, is dat de verzekeringsmaatschappijen doordat Obama-care is gekomen de prijzen nogal omhoog hebben gegooid. Onder het mom van; ‘‘De meeste bedrijven willen hun medewerkers een verzekering blijven aanbieden, dus zullen daar ook wel voor blijven betalen.’’ Niet dus, mijn hotel is geswitcht van verzekeraar, maar nu ondervinden de medewerkers nogal problemen met deze verzekeraar. Ze kunnen alleen naar zorgverleners die vallen onder die bepaalde verzekering en ze zijn niet blij met de zorg die geboden wordt door de zorgverleners. Dus is er een petitie opgesteld (hoe Amerikaans) en ondertekent door medewerkers en kwam er een representive van de zorg verzekeraar om uitleg te geven samen met de General Manager.

En wederom besefte ik hoe goed we het in Nederland hebben, waar je kan kiezen uit zo’n 10 verschillende zorgverzekeraars en zelfs je eigen pakket volledig samen kan stellen. Hier kies je voor de zorgverzekeraar die de werkgever biedt en kies je of je een oog- of mond- verzekering erbij wilt en that’s it.

(Note; de informatie hierboven geschreven is zoals het mij vertelt is door collega’s. Het kan in andere steden/staten van Amerika anders zijn of anders ervaren worden.)

De rest van de dag bracht ik door op de ‘‘upper floors’’ om de suites te inspecteren, de kamers voor de VIP’s en nog een stuk of 75 andere kamers.

Na mijn werk kleedde ik me snel om thuis en reed naar Santa Monica, waar ik na een Ikea uitwissel project met Alex en Wendy (zij de spullen die ik voor hen had gekocht, ik een tafel waar zij vanaf moesten), op de fiets stapte. 


We gingen vis eten bij Santa Monica Seafood en besloten op de fiets te gaan, ik mocht een extra fiets van Wendy lenen en was als een kind zo blij dat ik na drie maanden eindelijk weer even kon fietsen. Wat ik tot vier maanden geleden nog af en toe verafschuwde, daar werd ik nu weer enorm gelukkig van (‘‘je weet pas wat je mist, als het er niet is….’’).

Het eten was waan-zin-nig. Mosselen, oesters, wijn, tonijn, krab, sla, carrotcake én chocola met slagroom. 


Het was een klein stukje heaven én het was heel gezellig.


Na het eten gingen Wendy en ik nog even naar Misfit om cocktails te drinken, een hele hippe tent waar we nadat we twee mensen nog net niet hadden weggekeken, plaats namen aan de bar.

Woensdagmorgen ging mijn wekker weer om half zeven en voor de vierde dag op rij (ik ben het volledig verleerd zoveel dagen achter elkaar werken) was ik weer housekeeping-supervisor.

Na mijn werk had ik met Marije afgesproken, die afgelopen maandag in LA is aangekomen en die ik heb leren kennen via het Alles-Amerika forum. Ik haalde haar op in Hollywood en we reden naar The Grove om pizza te gaat eten en winkels te kijken. The Grove is ook een van de bijzondere plekken van LA. Een heel ruim opgezette winkelstraat, met fonteinen en in de straat ingebouwde speakers waar muziek uit komt (lichtelijk Amerikaans ja), en leuke restaurantjes. Ik werd weer even herinnerd aan hoe ik mijn eerste weken hier heb overleefd, toen Marije vertelde over hoe zij zich op dit moment voelde.  Beginnen in een nieuwe stad, waar je helemaal niemand kent. Het kost wat bloed, zweet en tranen en je moet er wat hoofd- en buikpijn, en zenuwen voor over hebben, maar dan heb je ook wat. Ik begin me hier in ieder geval steeds meer thuis te voelen.

Vanmorgen moest ik weer werken om acht uur, maar met een klein lichtpuntje want om tien uur kwam Danielle. Zij is journaliste (en fotografe) voor onder andere de Nederlandse krant Spits, die iedere morgen op de treinstations klaar ligt. Een paar weken geleden ben ik benaderd door de hotelschool waar ik twee jaar geleden ben afgestudeerd voor een interview met een foto voor promotiemateriaal voor de school. Ik ben overal wel voor in, dus zei ja tegen het interview en had Danielle gevraagd (die ik ken via een Dutch-women-in-LA-borrel), of ze foto’s wilde maken. Zo gezegd, zo gedaan en dus stond ik om tien uur te poseren bij de ingang van het hotel, bij het zwembad, bij de receptie, op een hotelkamer, in de lobby en in de gangen.






De rest van de dag bracht ik weer door op de hotelkamers. En vanmiddag om half vijf is mijn mini-vakantie ingegaan. Het geluk wanneer je een Nederlandse manager hebt, ik ben het hele Koningsdag weekend vrij. Met morgen een fietstocht van Santa Monica naar Venice, zaterdagavond een Koningsnacht feest en zondag een Koningsdag feest, kan dit niet anders dan een perfect weekend worden. En hier wordt inderdaad Koningsdag op zondag gevierd, in plaats van op zaterdag zoals bij jullie in Nederland. Ik verheug me nu al op kroketten, frikadellen, verse stroopwafels en een ordinaire zak patat.