donderdag 13 maart 2014

''Hey California, I think I love you!''



Natuurlijk heb ik het overleeft afgelopen maandag, toen ik van zeven tot tien uur ’s ochtends in mijn eentje de hele PBX-draaiende mocht houden. Ik heb geen telefoontjes per ongeluk opgehangen in plaats van opgenomen, ik heb geen mensen verkeerd doorverbonden, geen koffie over de telefoon gegooid en geen enkele klagende collega op visite gehad. Missie geslaagd, dacht ik zo. Maandag was ik om 2.15 alweer klaar met werken en reed ik snel naar huis om een kort broekje aan te trekken en naar het Verdugo Park te rijden. Het park is welgeteld vijf minuten rijden van mijn huis, maar net iets te ver om te lopen, ik begin al enigszins op een luie Amerikaanse te lijken. Om een uur of vijf had ik het wel gezien, ik had een heel boek uitgelezen en ik begon honger te krijgen. Dus ging ik richting de Coffee Beans om daar met laptop op het terras te gaan zitten en mijn tweede blog voor het JDRF te schrijven. Voor de geïnteresseerden, mijn verhaal is hier te lezen.

Omdat ik ’s avonds wel zin had om iets te doen whatsappte ik Veronica en zo zaten we om half acht bij de Starbucks in Hollywood. Mensen bekijken en vooral véél kletsen. Het gekke aan Hollywood is dat het een totaal andere wereld dan Burbank is, het is op tien minuten rijden afstand maar het is zó anders. Alleen de mensen al. Zo zat er in de Starbucks een zwerver met laptop te gamen en een koude, oude, McDonalds hamburger te eten. Naast ons zat een nogal onverzorgd stevig mannetje onderuit gezakt op zijn stoel voor zich uit te staren. Ondertussen kwam er een diva binnen met vijftien centimeter hakken, een strak jurkje en een perfect kapsel. Aan de andere kant zat een lange donkere man met zijn Ipod te spelen alsof zijn leven ervan afhing en even later kwam er een stel binnen dat zo in de jaren zestig was blijven hangen. Lekker hippie. Never a dull moment in Hollywood. In Burbank is het wat burgerlijker. Het is er netjes, schoon, zo goed als geen toeristen en dan ook zo goed als geen winkels gericht op toeristen. Het is echt een woonwijk achtige buurt. Met een heel leuk ‘’towncenter’’, met terrassen, kledingzaken, bioscoop, Ikea, Urban Outfitters, telefoonwinkels enzovoort. Om half tien was ik weer thuis, nam ik een douche en ging mijn bed in.

Omdat ik dinsdag pas om half vier hoefde te werken, kon ik eerst uitslapen. Ik ging ontbijten in de zon, op mijn balkon en nam een cracker met appelstroop (genieten tot de macht vierentwintig, super thanks mam!), en een schaaltje yoghurt. 

Even later zat ik weer bij de Starbucks. Dit keer om mijn theorie-examen voor de auto te leren. Omdat mijn Nederlandse rijbewijs maar negentig dagen geldig is moet ik een Californisch rijbewijs. En opnieuw theorie examen doen én afrijden. Om het mezelf iets makkelijker te maken heb ik via via via via een groot aantal van de theorie-examen ontvangen en probeer ik die nu eerst te leren. Opzich niet heel moeilijk, maar sommige regeltjes zijn net iets anders dan de Nederlandse regeltjes. Dus voor de zekerheid leer ik toch maar even. Ik ging FaceTimen met Nederland én even wat mensen jaloers maken met het ongelooflijk mooie weer hier. Al begreep  ik dat het in Nederland nu ook heel mooi weer is, wat ik jullie natuurlijk gun. Al is het niet echt eerlijk dat ik al 23 jaar lang iedere winter bijna kapot ga van de kou en de sneeuw en ik één keer Nederland verlaat in januari en er gewoon geen echte winter komt. Wedden dat we volgend jaar een horror-winter krijgen zodra ik terug ben? Karma is a bitch.

In ieder geval stond ik om één uur bij m’n lievelings Noah’s New York om een bagel te kopen. Nu ik dit zo typt lijkt het net alsof mijn leven alleen maar uit buiten de deur eten en drinken bestaat, maar dat zijn moment opnamen, ik zit heus niet iedere dag bij een Bagelwinkel of Koffie-zaak.. 


Maar ik genoot van mijn Bagel-moment in het zonnetje en ging daarna naar huis om nog even wat op te ruimen en mijn jurkje te verwisselen voor een net pak en nieuwe roze blouse. Die succes boekt, want ik krijg van iedereen complimenten dat de kleur mij zo mooi staat. Zooo Amerikaans, net als dat ik al 25 keer heb gehoord; ‘‘You’re so funny!’’, ‘I love your shoes!’’, ‘‘I like the color of your hear!’’, ‘‘Wauw, you look so great today!’’. Ik moet daar nog even aan wennen, het is natuurlijk een beetje aan de neppe kant al die complimenten. Maar ik denk maar zo; beter dat ze iets positiefs zeggen dan ‘‘I hate you!’’.

Op mijn werk was het erg rustig met maar één uitdaging, er was een grote groep Russische gasten en Russen kunnen veel behalve Engels praten. En dan dacht ik in het begin nog dat mijn Engels slecht was…. In ieder geval duurde het uren voor het twaalf uur was, komt vooral omdat er weinig telefoontjes waren en we weinig vouchers hoefden te schrijven. En als ik mezelf niet bezig kan houden kijk ik constant naar de klok en word ik langzaam gek.

Maar zoals altijd werd het ook dinsdag weer twaalf uur en een half uur later lag ik in bed. Ik hou ervan om zo dicht bij mijn werk te wonen!

Woensdag was mijn vrijdag, de laatste dag voor ik twee dagen vrij was. Heerlijk! En omdat ik toch echt theorie-examen moest gaan doen zocht ik op internet welke formulieren ik nodig had. Pakte al mijn spullen, pasfoto’s, visum, Nederlands rijbewijs en nog wat papieren en ik reed naar het DMV. En net zoals ieder overheidsgebouw voelde ik me daar ook niet echt op mijn gemak. 
Weer was het vol met mensen, ik zie nooit enorme massa’s mensen hier in LA, behalve wanneer ik bij een overheidsgebouw ben. Het DMV, het Social Security Office, het Amerikaanse Consulaat.. Ik ging in de rij staan en toen ik aan de beurt was en uitgelegd had dat ik voor mijn rijbewijs kwam vroeg de meneer naar mijn I-94 formulier. Ik liet hem de stempel zien die ze op LAX (het vliegveld) in mijn paspoort hadden gezet en waar ook I-94 bij stond. Maar dat was helaas niet voldoende, ik had een echt formulier nodig. Tot mijn verbazing schoot ik totaal niet in de stress, ik vroeg aan de meneer waar ik dat formulier vandaan moest toveren (ik zag mezelf al terug rijden naar het vliegveld…) en hij gaf mij een ander boekwerk waarin stond dat ik via internet dat formulier op kon vragen en moest printen, want ze hadden de code nodig die op dat formulier stond. De code opschrijven was niet voldoende. Het moest uitgeprint worden. Dus vulde ik eerst een ander papier in voor de aanvraag van mijn theorie-examen. Met de meest gekke vragen, of ik orgaandonor wilde worden, of twee dollar per maand wilde doneren om de orgaan-donorpromotie te ondersteunen. En nog een vraag over de politieke voorkeur. Best aparte vragen voor op een aanvraagformulier voor een rijbewijs, maar dit is Amerika. Daar kan dat allemaal.




Omdat ik thuis geen printer heb moest ik dat formulier op mijn werk printen wat betekende dat ik woensdag geen theorie-examen meer kon doen. Dus toen ging ik maar naar het Burbank TownCenter om een beetje winkels te kijken en te skypen met Nederland bij de (jawel, alweer) Starbucks op het terras.

Gistermiddag was ik om half vier weer present op mijn werk, waar het in de back-office (dat is de achterzijde van de receptie, achter de schermen zeg maar) vol hing met ballonnen en posters. Want het is front-desk recognizing week. Wat inhoudt dat deze week de Front-Desk medewerkers ‘’erkent’’ worden en extra in het zonnetje gezet worden. En dat betekent dat er iedere dag om half zes acht pizza’s bezorgd worden voor de Front Desk (en PBX, lucky me!)- afdeling. Er zijn taarten, chocolaatjes in de vorm van puzzelstukjes (want je maakt deel ui van een team bij de Front Desk..), collega’s bakken koekjes en muffins en brownies en er hangen slingers. Een feestje vieren kunnen ze hier wel. De Russische gasten waren vertrokken en het was een stuk drukker gelukkig. Na vijf uur gewerkt te hebben moest ik achter een andere computer gaan zitten voor ADA-training. ADA betekent American with Disabillities Act. Wat staat voor Amerikanen met een handicap of aandoening. Het gaat er vooral om wat te doen als er iemand komt inchecken die blind is, of doof, of niet kan praten. Wat je moet doen als iemand een hulp hond mee neemt. Of zijn hulp-paard, ook dat kan in Amerika. Ik heb het nog nooit gezien, iemand die een pony als hulphond heeft, maar blijkbaar gebeurt dat hier ook. Ik blijf mij verbazen iedere dag weer. Dankzij de training was het zo weer twaalf uur én daarmee was ik ook meteen een ‘weekender’ geworden.

Vanmorgen stond ik om negen uur op, ik was van plan om naar het strand te gaan. Eigenlijk had ik in de planning om naar het DMV te gaan, maar soms ben ik nogal goed in uitstellen.. Dus deed ik mijn bikini alvast aan, smeerde mezelf volledig in met zonnebrandcreme en trok een jurkje uit de kast. Ondertussen kreeg ik van Veronica een whatsapp dat ze graag mee wilde en nadat ik mijn Ramsö (parasol) bij de IKEA had gekocht (hier verkopen ze inderdaad parasollen bij IKEA voor 10 dollar) ging ik richting Veronica. Toen ik haar had opgehaald typte ik Malibu in op Google Maps en reden we naar hét strand paradijs, Malibu. De weg ernaar toe was er weer één voor in de boekjes. Ik denk erover dat ik een automatische camera aan moet schaffen voor in mijn auto want ik rijd iedere keer langs zulke mooie plekjes en wil dan steeds foto’s maken. Maar je telefoon gebruiken en auto rijden kost 160 dollar dus dat doe ik maar niet. In ieder geval zagen we een geweldig berglandschap, reden door tunnels en zagen in de verte de zee. Van mijn collega’s hoorde ik dat Zuma, één van de 30 stranden van Malibu een aanrader is en dus reden we daarnaar toe. We parkeerden aan de straat en zochten een plekje op het strand.


 Ein-de-lijk lag ik in mijn bikini op een Amerikaans strand met op negen uur een Lifeguard met zijn car en op drie uur een grote groep volleyballende hoi-ik-zit-23-uur-per-dag-in-de-sportschool-mannen. Perfecter kon niet.


We kletsen, lazen, bekeken de andere strand gasten. Veelal locals.


 Om drie uur hadden we honger en gingen we naar Sunset. The place to be in Zuma, waar ook altijd sterren schijnen te komen. Zelfs mijn auto-dealer had het over Sunset een paar weken geleden. Maar natuurlijk zat er nu geen enkele ster, in ieder geval herkenden wij niemand. We kregen een tafel bij het open raam met uitzicht op de zee en het strand en kozen ervoor om een pan mosselen te delen. Met frietjes. 


Na het eten rekenden we af, en namen nog een tijdschrift mee wat bij de uitgang lag over hotspots in Malibu. Leuk voor de volgende keer, ik heb nog zóveel te ontdekken hier.

De weg naar huis duurde iets langer dan de heen weg. We namen een andere route, eentje die sneller zou zijn volgens mijn vriend Google Maps. We reden door Malibu richting Santa Monica volledig langs het strand. Zó mooi met al die strandhuisjes en natuurlijk palmbomen. Het laatste stuk was over de freeway en heel even waren we vergeten dat je die wegen in LA tussen 4 en 7 eigenlijk moet vermijden en we kwamen dan ook een paar keer lekker in de file terecht. Maar mijn humeur kon bijna niet meer stuk. Het strand, Malibu, eten op nog geen twintig meter van de zee, deze dag was perfect.

Morgen ben ik ook vrij en ik ga nu even aan de slag om een planning te maken voor morgen. Ik heb mezelf voorgenomen om iedere dag dat ik vrij ben iets nieuws te ondernemen. Zo zou het in theorie moet het lukken om na 12 maanden LA van binnen en van buiten te kennen…

zondag 9 maart 2014

''Make today better than Yesterday!''


Woensdagochtend werd ik om acht uur weer verwacht op m’n werk. Om de eerste vier uur achter de computer te zitten voor lessen over het reserveringssysteem. Maar omdat ik ook straks naar de Housekeeping ga, op de salesafdeling en in het restaurant moet werken, heeft de trainingsmanager nog even honderd extra lessen toegevoegd. Speciaal voor housekeeping, F&B (food en beverage) en sales. Dus ben ik er nog steeds niet van af. Maar vol goede moed ging ik aan de slag en voor ik het wist was het alweer half één en lunchtijd. Ondertussen waren al m’n collega’s minimaal één keer langs gekomen om medeleven te tonen omdat ze mij zo ontzettend zielig vonden met al die computerlessen. Ze zijn zo goed in overdrijven hier…

Na de lunch was de Front Office meeting, ieder kwartaal wordt er een meeting gehouden voor alle medewerkers van de receptie. En omdat ik dit jaar ook een paar maanden deel uit ga maken van de receptie, mocht ik ook deelnemen aan de meeting. Het was mijn allereerste echte Amerikaanse meeting voor medewerkers, in mijn eerste week had ik er al een meegemaakt voor managers. En ook deze keer oversteeg het al mijn verwachtingen. Allereerst had iedereen zoetigheden meegenomen, brownies, muffins, cupcakes, chocolate chip cookies, hele taarten. Het kon niet op. Er stonden grote kannen met (natuurlijk) Starbucks coffee en bij binnenkomst schalde het nummer ‘‘We are family’’ door de speakers. Toen iedereen was gearriveerd, startte de meeting. Een kwartier later dan gepland. De Front Office manager begon met een heel verhaal over hoe ongelooflijk goed 2013 wel niet was geweest, hoe tevreden hij was met zijn team en wat het doel is voor 2014. Daarna was het tijd voor teambuilding, we werden in drie groepen verdeeld en kregen filmpjes te zien waarin wij moesten aangeven wat er goed aan was en niet goed. In hoeverre werd er gehandeld naar de Hilton standaarden en in hoeverre was er verbetering nodig. Per filmpje moest er iemand anders het woord nemen en na afloop kreeg iedere spreker (natuurlijk) een groot applaus. Toen we alle filmpjes gezien hadden moesten we weer terug naar onze stoelen en was er tijd voor een koffiepauze. Wat betekent dat iedereen zijn schotel weer vult met minimaal drie koekjes, twee muffins en een cupcakeje. De Front Office manager had verschillende vragen opgesteld en wees steeds iemand aan om te antwoorden. Wanneer die medewerker het juiste antwoord gaf, kreeg hij of zij een chocolade reep toegeworpen met daarop ‘‘You make the difference!’’


Later kwam de Loss Prevention manager langs om een presentatie te geven over ‘‘wat te doen wanneer er een schietpartij plaats vindt in het hotel óf iemand binnenkomt lopen met een pistool.’’ Ineens wist ik niet meer zeker of ik nog wel bij de receptie wil werken. Hij vertelde over de veiligheidsregels, wie je wanneer moet inlichten en wat de meest risicovolle gebieden zijn voor een schietpartij. De belldesk, wanneer de schutter via de hoofdingang binnen komt. Het kantoor van de HR-manager, wanneer een oud medewerker de Human Resources  (personeelszaken) – manager neer wilt schieten omdat hij of zij ontslagen is. En de personeelsingang. Omdat (oud)-medewerkers (met slechte bedoelingen) daar de weg goed weten. Daarnaast zit het hotel natuurlijk naast de Universal Studio’s en vlakbij een gebied waar veel bekende mensen zitten. Wanneer iemand slechte bedoelingen heeft en een signaal af wilt geven aan de rest van de wereld zouden ze het zo maar gemunt kunnen hebben op ons hotel. Toen begon ik helemaal te twijfelen of ik hier wel op de juiste plek zit, maar gelukkig stelde een collega mij met rust. Hij had nog wel een kogelvrij vest op zolder liggen wat ik mocht lenen wanneer ik straks bij de receptie moet werken. Als laatste kwam ook de General Manager nog langs en vertelde hoe trots hij was op zijn medewerkers en vertelde nog wat anekdotes. Hij sloot af met; ‘‘Make today better than yesterday!’’

Toen de meeting afgelopen was ging ik even boodschappen doen en op weg naar huis. Ik at een boterham (heb ein-de-lijk fatsoenlijk brood gevonden bij een biologische supermarkt), keek nog even wat afleveringen van RTL boulevard, ik kan het toch niet laten, en ging rond een uur of tien naar bed.

Donderdag hoefde ik pas om half vier ’s middags te beginnen. Een perfecte dag om mijn huis schoon te maken. Dus zat om negen uur al mijn beddengoed al in de was, hing mijn dekbed buiten te luchten en was ik met een sopje in de weer om de badkamer te boenen. Toen mijn wasgoed klaar was, deed ik al mijn gekleurde was in de wasmachine en ging de vloer dweilen. Omdat alles hier natuurlijk een beetje overdreven is, is dat ook het geval met de wasmachine. Die is dan ook in twintig minuten klaar. I-de-aal. Dat moet ik later ook in mijn penthouse in Manhattan (New York), heb ik bedacht. Toen al mijn was aan een geïmproviseerde was lijn hing en al mijn stoelen buiten stonden met wasgoed eraan en er overheen, ging ik even skypen met m’n ouders. Omdat het super lekker weer was, de zon is weer he-le-maal terug, besloot ik later om op zoek te gaan naar het dichtstbijzijnde park en met mijn zonnebril, zonnebrandcrème, boek en bikini, een poging te gaan doen bruin te worden. Ik moet en zal als neger terug komen naar Nederland. 




Om half drie ging ik weer richting huis om mijn pak aan te trekken en mij psychisch voor te bereiden op werken tot middernacht. Op zich vind ik de shiften van 2 tot half elf nog niet eens zo erg, maar van half vier tot twaalf is voor mijn gevoel een zes keer langer durende shift. Toch probeer ik maar steeds werk te zoeken om te kunnen doen, zodat ik in ieder geval nuttig bezig ben. Zelfs wanneer de telefoon niet gaat. In tegenstelling tot sommige collega’s, die maar niet begrijpen waarom ik vouchers aan het stempelen ben en de voorraden aan het bij vullen ben, terwijl je ook gewoon even niks kan doen. Misschien iets typisch Nederlands of misschien ben ik inderdaad te ijverig. Ik houd gewoon niet van niksen tijdens m’n werk, puur omdat de tijd dan veel te langzaam gaat. Laten we het daarop houden. Toen de klok eindelijk 00.00 uur aangaf pakte ik mijn tas in en ging op zoek naar mijn auto. Tijd om naar bed te gaan!

Vrijdag was mijn vrije dag. Nog steeds verbaas ik mij erover hoe ongelooflijk snel de tijd hier gaat. Dit is alweer de zesde week dat ik hier zit. Nog maar 10,5 maand te gaan. Klinkt misschien heel lang, maar ergens ben ik doodsbang dat het hier allemaal zo weer voorbij is en ik voor ik het weet weer in Nederland zit. Misschien ook omdat iedereen het tegen mij zegt. Collega’s die niets anders doen dan zeggen; ‘‘geniet van ieder moment, het jaar is zo om!!’’ Mensen in Nederland die zeggen; ‘‘Oh,je komt alweer terug over 46 weken!’’ Of misschien omdat het voor mijn gevoel nog maar net geleden is dat ik mijn eerste hardloopwedstrijd (5 km) rende tijdens de halve marathon van Harderwijk vorig jaar. Die afgelopen zaterdag weer was. Ik heb maar besloten om overal zoveel mogelijk van te genieten én alles eruit te halen wat erin zit van mijn jaar in LA.
Dus besteedde ik mijn vrije vrijdag heel nuttig en stond ik om half elf alweer in de shoppingmall. Het was payday geweest afgelopen donderdag, en ik vond dat ik wel nieuwe kleren had verdiend. Ik heb een nieuwe lievelingswinkel gevonden, New York & Company (het is het lot, ik voel het!!). Ze verkopen daar perfecte Annerieke-Blousjes, ideaal voor mijn werk (met een jasje eroverheen).


Dus met een lege creditcard en volle tassen verliet ik 1,5 uur later weer de winkel. Ik ging door naar Macy’s en daarna naar de leuke winkelstraatjes van Burbank Downtown.


 Ik kwam Noah’s New York Bagels tegen en had meteen honger. Dus stopte ik daar voor een perfecte bagel met zalm en toen er een plekje vrij kwam, ging ik op het terras zitten en las de nieuwe Linda op mijn laptop, met mijn hoofd in het zonnetje. Kon niet beter en ik heb daar dan ook uren gezeten.



Om vier uur had ik afgesproken met Veronica, zij kwam mijn appartement bekijken en daarna gingen we koffie drinken bij Starbucks. Zo fijn om iemand te hebben die hetzelfde meemaakt en ook af en toe ook moet wennen aan de mentaliteit hier. We maken allebei van alles mee en het is echt leuk om dat te kunnen delen. Daarbij zijn we allebei nog niet zo goed in het maken van Amerikaanse vrienden. Misschien generaliseer ik wel teveel, maar iedereen is hier heel snel van ‘‘You are my best friend!’’, ‘‘You have beautiful eyes!’’, ‘‘I love your curves (uh, pardon?!)’’, ‘‘You are sooo cool, I like you!’’, maar het lijkt wel alsof ze je drie seconden later weer vergeten zijn en een dag later helemaal niet meer kennen. Iets wat ik ook veel op andere blogs lees en ook in boeken van mensen die een langere tijd in Amerika hebben doorgebracht. Ik maak me er niet zo heel druk om, ben hier nog niet zo heel lang en ik ga ervanuit dat ik mijzelf wel kan aanpassen. En dat ik  ooit wel Amerikaanse vrienden maak. Ik moet en zal een basketballende-John-hetende-neger-bff vinden. Gewoon omdat dat zo lekker cliché is.

Veronica en ik deelden een Blueberry muffin en gingen daarna naar Laurel Hardware, een restaurant/uitgaansgelegenheid in Hollywood waar de Dutch in LA borrel was.  We parkeerden tegenover Laurel Hardware, of nouja, we deden aan Valet-Parking. I-de-aal. Dat zouden ze in Nederland meer moeten doen. Uitstappen, sleutel inleveren en na afloop tien dollar betalen en weer in je auto stappen die voorgereden wordt. Lekker diva, en geen lastige inparkeerkunstjes. We  ontmoetten een paar andere Nederlandse meiden en dronken wijn. Het aantal mooie mannen was hoog en we vermaakten ons wel. Het enige nadeel was dat ik de volgende morgen om zeven uur weer moest werken, dus om half elf zei ik gedag. De rest van de meiden bleef nog en ik heb een ontmoeting met zangeres Elize en een Nederlandse proftennisser met onbekende naam, gemist.

Mijn wekker ging zaterdag morgen om kwart voor zes en om iets over half zeven zat ik netjes opgemaakt in de auto. Omdat er een event in het hotel was voor 1200 man moesten de medewerkers op een parkeerplaats tegenover het hotel parkeren. Perfect geregeld, want er was zelfs een shuttle bus die de medewerkers naar het hotel bracht en weer terug naar de parkeerplaats. Op mijn werk was het een gekkenhuis. Helemaal toen om twaalf uur ook nog de collega die de middag en avond dienst had, zich ziek meldde. Omdat er niemand van het receptieteam kon werken en van de PBX-afdeling (de telefooncentrale waar ik nu werk) ook niemand, bood ik aan om langer te blijven. Even mijn imago (nog meer) verbeteren en ik had zaterdagavond toch geen plannen. Ik werkte uiteindelijk door tot zeven uur en toen was ik gebroken. Twaalf uur achter elkaar is toch iets teveel van het goede. Vooral omdat ik het laatste uur niet eens meer wist ik welke taal ik moest denken en praten. Dus nam ik op met een ‘’Goedenavond, Thank you for calling the hoteloperater.’’ Ik schrok er zelf van en checkte snel de reservering van de gast die ik aan de telefoon had. Geluk bij een ongeluk bleek het een Nederlander te zijn en ging ik over in het Nederlands. Wat toch wel een leuke ervaring is. Al merkte ik aan mezelf dat het ook weer even omschakelen was. Ik betrap mijzelf er steeds vaker op dat ik in het Engels nadenk. Vooral tijdens mijn werk. Opzich niet heel verkeerd natuurlijk, zo verbeter ik steeds meer mijn Engels en krijg ik weer hoop op het verliezen van mijn Nederlandse accent.

Toen ik om half acht thuis kwam stond er op de trap naar mijn appartement een grote doos. Ik pakte hem op en toen ik boven was en de lampen aandeed herkende ik meteen het handschrift van m’n moeder. Ik gooide mijn tas in een hoekje, schopte m’n schoenen uit en pakte een schaar. De doos zal vol met paaseitjes, pindakaas, chocoladepasta, jam, mijn lievelings slaapjurkje die niet meer in m’n koffer pastte, dokter Van der Hoog lotion en handige en leuke spulletjes voor in mijn appartement. En de meest lieve kaart ever. 


Zo’n verrassing dat ik meteen weer gelukkig werd. Ik stuurde even honderd berichtjes naar m’n ouders en Frank en stapte onder de douche. Ik wilde nog heel graag even in bed tv kijken maar toen ik eenmaal in bed lag kon ik mijn ogen niet meer open houden. En om negen uur lag ik volledig in coma.

Vannacht was het energy-saving-night. Dus ging de klok een uur vooruit. Het tijdsverschil met Nederland is de komende weken, tot bij jullie de tijd ook vooruit gaat, acht uur in plaats van negen uur. Even wennen, want ik was net gewend aan het omrekenen van negen uur tijdsverschil. Omdat ik vanmorgen om kwart voor zes weer moest werken, ging de wekker om half vijf. Inclusief een uur minder slapen dankzij de zomertijd, zag ik er vanmorgen niet al te florissant uit. Gelukkig was ik niet de enige, iedereen klaagde over slaap tekort. Vandaag was het iets minder druk dan gisteren. En had ik iets meer blunders dan gisteren. Zo belde een gast met de vraag over de kosten voor het ontbijtbuffet, ik gaf hem de prijzen en hij antwoordde, ‘‘Thanks, we’ll go to Danny’s.’’ Ik kende Danny’s niet. Ik ken alleen een collega die Danny heet dus ik wist niet zo goed wat ik moest antwoorden. Vooral omdat er op de achtergrond een vrouw keihard ging lachen. Ik reageerde met "All right, have a great day!" Blijkbaar zei ik het twijfelachtig want de gast reageerde met; ‘‘You don’t know Danny?!’’ En de vrouw op de achtergrond ging nog harder lachen. Gelukkig voor mij hing de gast op en nadat ik gevraagd had aan mijn collega wat ‘‘Danny’s’’ is, bleek het een soort Amerikaanse fastfood-ontbijt-keten te zijn. Tsja, weet ik veel.. Maar ik stond er niet te lang bij stil, dit is weer een leuk verhaal voor op een verjaardag over tien jaar. Ook werd ik gebeld door een vrouw die vroeg hoe laat de bruiloft vandaag begon. Best gek, dat je uitgenodigd bent voor een bruiloft en niet weet hoe laat het begint. Dus vroeg ik aan mijn collega wat ik met dat telefoontje moest en gaf zij aan dat ik moest zeggen dat we geen bruiloft hadden vandaag. Het was voor honderd procent een Wedding Crasher. Dat bestaat dus echt. Volgens mijn collega gebeurt het op bijna iedere bruiloft wel dat er een paar gasten komen om de wedding proberen te crashen. Gratis mee eten, geintjes uithalen, enzovoort. En ik dacht dus altijd dat dat alleen in films voorkwam.. Weer wat geleerd. Een mannelijke collega kwam nog even kletsen en zei tegen de supervisor dat hij blij was dat ze eindelijk een jongen hadden aangenomen bij PBX. Die meiden vond hij maar niks. Ik begon even te kuchen, en hij voegde er meteen aan toe; "behalve Anne dan, want die komt uit Europa en dat is cool. Daar zijn alle meiden tenminste leuk." Én weer in de pocket! Een receptie collega vroeg zich af toen ik op het punt stond om weg te gaan of ik Hardwell en Armin van Buuren kende. Toen ik zei dat ik die natuurlijk kende, kreeg ik meteen vier high-five’s. Hij houdt van Nederland omdat daar tenminste goede muziek vandaan komt. Soms is het niet eens zo erg om geen Amerikaan te zijn in Amerika..

Na mijn werk deed ik boodschapjes en kleedde me om thuis. Ik pakte een handdoek, een mango, een boek, een mes en vork, mijn laptop en een fles water en reed naar het park.  Daar lag ik twee uur lang in de zon te relaxen en daarna ging ik naar Coffee Bean in Burbank Downtown om een begin te maken aan mijn blog. Inmiddels is het bijna half acht, en zit ik mijn blog af te schrijven op mijn balkon. Met de laatste restjes zon (ik houd van zomertijd) en met een hempje aan (ik houd nog meer van de winter in Californië). 


Morgen gaat mijn wekker weer om half vijf, moet ik beginnen om kwart voor zes en werk ik van zeven tot tien alleen. Best spannend. Maar ik zie het maar als compliment. Wanneer de managers er geen vertrouwen in hadden dat ik dat kan, hadden ze mij niet in mijn eentje ingeroosterd die drie uur. Toch voel ik een kleine kriebel in m’n buik. Maarrrrr met mijn lijfspreuk (Let’s kick some *ss!) in mijn achterhoofd stap ik morgen in de auto en ga ik er het beste van maken. Dus of ik zit dinsdag in het vliegtuig op weg naar huis omdat ik er een potje van heb gemaakt en het hele hotel naar Filistijnen heb geholpen. Of ik ben weer wat complimenten rijker. Wordt vervolgd!

 

 

dinsdag 4 maart 2014

''First we make our choices. Then our choices make us.'' - Anne Frank.


Zondag was het Oscar-dag en hoefde ik pas om kwart over twee te werken. Dus bleef ik wat langer in bed liggen, en toen ik mijn bed eindelijk uitstapte en de gordijnen open deed werd ik niet meteen heel vrolijk. De zon was nog steeds niet terug en het miezerde. LA is toch wel heel anders met regen, het maakt het meteen een stuk droeviger allemaal. Toch besloot ik om even naar Barnes & Noble te gaan om koffie te drinken en om onder de mensen te zijn. Het zat er vol met dames in trainingspakken die net hun dagelijkse rondje hadden hardgelopen en met studenten met laptops die keihard aan het leren waren. Om één uur ging ik weer naar huis, at even snel een broodje en kleedde me om voor mijn werk. Ergens vond ik het toch wel jammer dat ik moest werken, ik was liever naar een leuk feestje gegaan om daar de Oscars live te bekijken en een beetje de sfeer te proeven. Ben ik eindelijk in LA, op tien minuten bij de Oscar-uitreiking vandaan, krijg ik er alsnog niets van mee. Maar mijn collega stelde me met rust; ‘‘In de kantine zenden ze het uit hoor!’’ Dus heb ik tijdens mijn drie pauzes toch nog iets mee kunnen krijgen van de uitreiking, waaronder hét pizza-moment. Het werken was zo voorbij en voor ik het wist zat ik alweer in de auto op weg naar huis. Ik ging naar huis, mijn collega naar haar tweede baan waar ze van elf tot zeven uur ’s ochtends moest werken. Dit keer had ze pech, want ze moest maandagmorgen om acht uur weer werken in het Hilton. Dus werkte ze eigenlijk gewoon 25 uur achter elkaar. Ik blijf me verbazen over die Amerikanen, 25 uur achter elkaar werken zonder te slapen. Daar kan je niet blij van worden lijkt mij..

Maandagochtend was de zon weer terug en dat maakte mij meteen gelukkig. Ik ging een rondje hardlopen en nam daarna vrolijk een douche (ondanks dat ik nog steeds 5 kilometer ren in een bagger tijd en mijn conditie me in de steek laat). Ik kleedde me aan,  en reed meteen naar de bank want ik moest geld hebben om de huur te betalen. Met een lege bankrekening, donderdag is het weer Pay-Day en llng leve de creditcard, ging ik naar Macy’s om een beetje rond te kijken en om koffie te drinken. Ik had mijn laptop meegenomen, dus stuurde nog even snel wat mailtjes rond toen ik een berichtje kreeg van Sandra, van wie ik mijn appartement huur. Er was véél post voor mij gekomen. Eigenlijk kon ik mij vanaf dat moment niet meer concentreren en niet veel later zat ik dan ook weer in de auto op weg naar huis. Ik opende de Amerikaanse brievenbus, zo’n echte met zo’n klepje en hengsel dat omhoog staat als er post is. En ik vond twee brieven en twee kaarten, super leuk, ik hou van post (hint!).

Maandag moest ik werken van twee tot half elf en zo zat ik even later achter de computer op mijn werk om weer te oefenen met het reserveringssysteem. Drie weken geleden dacht ik dat ik er eindelijk vanaf was omdat ik al mijn lessen had voltooid. Tot de trainingsmanager even langs kwam en zei dat ze nog even wat lessen had toegevoegd. Dus zat ik maandag twee uur achter elkaar  opdrachten te maken, en mag ik morgen van acht tot één weer gaan oefenen. Toch vloog de tijd voorbij en voor ik het wist zat ik weer in de auto op weg naar huis. De dagen gaan hier veel te snel..

Vandaag was ik vrij. Een paar dagen terug zag ik op Facebook dat er in het Museum of Tolerance een tentoonstelling was over het leven van Anne Frank. Dat leek mij wel wat om te bekijken, dus had ik via internet gisteren een ticket gereserveerd en zat ik vanmorgen om tien uur in de auto op weg naar het museum. Na een half uurtje rijden parkeerde ik mijn auto bij het museum. Nadat mijn auto volledig binnenste buiten was gekeerd door de beveiliging en ik mijn paspoort en rijbewijs moest laten zien. Ik kreeg heel even een flashback naar het Amerikaanse Consulaat in Amsterdam waar ik 1,5 maand geleden op audiëntie mocht komen voor mijn Visum-interview. Maar op een IKEA tas na vonden ze vrij weinig in mijn auto, dus mocht ik doorrijden. Eenmaal binnen kwam er nog een tas controle, maar daar maak ik mij inmiddels niet meer druk om. Ik word niet meer bang van streng kijkende Amerikanen met handboeien in hun zak en een geweer in hun hand die mijn tas willen bezichtigen.

Omdat ik nogal vroeg was, had ik de eerste tien minuten een persoonlijke gids. De vrouw vertelde over het leven van Anne Frank en ik legde haar uit dat ik uit Nederland kwam en het wel heel bijzonder vond dat ze op bijna 9000 kilometer van Amsterdam vandaag een tentoonstelling hebben over het Achterhuis. De gids werd nog enthousiaster, ze was zelf nog nooit in het Achterhuis geweest, maar had wel door dat ik niet uit Amerika kwam. Want (daar komt ie weer..) dat hoorde ze aan mijn accent. Na zes weken kan ik nog steeds niet net zo praten als een echte Amerikaan, helaas. 




Tien minuten later sloot de plaatselijke bridge-vereniging  aan bij mijn rondleiding en daar ging mijn prive-tour-met-gids. De zestien dames van rond de 85 én ik liepen naar de eerste film. Een stukje uit een documentaire met de neef van Anne, waar Anne wel eens brieven naar schreef. Daarna liepen we verder langs een wand met foto’s van Anne’s familie en een grote foto van Anne zelf. De foto was zo geplaatst dat Anne door het raam keek. Recht op de Hollywood-hills. Omdat ze in een van haar dagboekfragmenten schreef over dat ze ooit een beroemde actrice zou willen worden in Hollywood. Ik kreeg het er koud van. “This is a photograph of me as I wish I looked all the time. Then I might have a chance of getting in Hollywood.”  

We liepen door en kwamen langs een muur waar de Amsterdamse grachten op waren afgebeeld. Uit de speakers kwam het geluid van de klokken van de Westertoren en op de andere muur waren dagboekfragmenten van Anne afgebeeld. In het Nederlands. Voor het eerst dat ik hier ben werd ik overvallen door een gevoel van heimwee. Om zover van huis te zijn en dan die foto’s te zien van Amsterdam tijdens een tentoonstelling over een Nederlands meisje, ineens rolde er uit het niets twee tranen over mijn wangen. 

Gelukkig hadden de dames vooral oog voor zichzelf en de tentoonstelling en zag niemand dat ik met mijn sjaal mijn tranen af veegde. We liepen door en de gids vertelde over het Achterhuis, over de helpers van de familie Frank. We zagen verschillende films over de familie in het Achterhuis, we zagen een documentaire over hoe het leven van de familie Frank eruit zag toen ze aan het onderduiken waren en wat dat voor Anne heeft betekent.


Op de muren waren quotes afgebeeld, uit Anne haar dagboek. '“I know what I want, I have a goal, an opinion, I have a religion and love. Let me be myself and then I am satisfied. I know that I’m a woman, a woman with inward strength and plenty of courage.”    
 
Aan het einde stond een kast, bijna dezelfde als die ook in het Achterhuis stond en waar achter de ruimte was waar de familie Frank onderdook. De gids schoof de kast aan de kant en wij liepen een kleine ronde zaal binnen waar een andere film draaide. Deze ging over de laatste dagen in het Achterhuis en de periode in de concentratiekampen. Natuurlijk kende ik het verhaal van Anne Frank, maar dit keer raakte het mij weer enorm. Misschien omdat ik in een ander land ben, misschien omdat ik hier alleen ben, ik weet het niet, maar indrukwekkend was het zeker. Het was ook heel bijzonder dat ik de meeste fragmenten en brieven die tentoongesteld waren gewoon kon lezen. Terwijl de Amerikanen allemaal de Engelse vertaling aan het lezen waren die eronder stond.


Na anderhalf uur stond ik weer buiten. Ik haalde diep adem, nam een slokje water en ging mijn auto opzoeken. Omdat ik op maar een kwartiertje rijden van Santa Monica was, besloot ik om deze dag toch nog een vrolijk tintje te geven en voor het eerst sinds ik in LA ben, naar het strand te gaan!  Dus zocht ik met mijn ParkMe-app een parkeergarage (dé App van het jaar, ideaal, je kan per locatie zien waar parkeerplaatsen zijn en hoeveel ze kosten). En reed daar in één keer goed naar toe. Tijd voor een applausje! 


Onderweg werd ik weer even verliefd op LA. Ik weet niet of het ooit gaat wennen, de bergen in de verte, de acht-baanswegen, de groene borden boven de snelweg, rijden langs de Warner Bros – studio’s. Ik vraag me af of er ooit een moment komt dat ik het niet meer bijzonder vind om hier auto te rijden en alle uitzichten maar normaal ga vinden. Ik hoop dat dat moment nog heel lang duurt, want tot die tijd voelt het toch een klein beetje alsof ik op vakantie ben hier.

Nadat ik mijn auto had geparkeerd liep ik de garage uit en zag bijna meteen de zee in de verte. Ik liep langs gezellige eettentjes en genoot van de palmbomen langs de weg. Eenmaal bij de zee aangekomen liep ik langs een pad richting de pier. Dé beroemde pier van Santa Monica. 


De bankjes langs het wandelpad zaten vol met mensen die genoten van de zon, op de grasveldjes zaten studenten boeken te lezen en te slapen, het was druk met hardlopers en overal liepen mensen met hondjes. Een hele relaxte sfeer met rechts uitzicht over de Pacific Ocean en links de straat. Met z’n auto’s, restaurantjes en palmbomen. Het kon zo allemaal rechtstreeks uit een film komen.  Ik kwam aan bij de Pier, die er ook echt zo uit ziet als op tv en in tijdschriften. Met een reuzenrad, een achtbaanttje, botsauto’s en heel veel eettentjes. 


Ik liep door naar het einde van de Pier en ging op een bank zitten met uitzicht over de zee en een zanger die het hele Coldplay repetoir kende. Na het vanmorgen even moeilijk gehad te hebben, kon ik nu weer lachen en gelukkig zijn. 
 
 
Ik liep uiteindelijk weer de Pier af richting het strand en plofte daar neer. Ik deed mijn schoenen uit en voelde het zand onder m’n voeten. Met de zon op m’n gezicht keek ik naar de zee en kreeg ik voor de tweede keer vandaag kippenvel op mijn armen. En dit keer in positieve zin.


Toen ik dorst kreeg pakte ik mijn spullen op deed mijn ballerina’s weer aan en liep naar de Coffee Bean om een beker groene thee (véél gezonder dan koffie) en een koek te kopen. En ik liep weer richting het strand waar ik naast het wandelpad in het gras ging zitten. Ik pakte mijn telefoon erbij, waar ik een aantal Nederlandse boeken op had gezet (scheelde weer een paar kilo in mijn koffer..) en begon te lezen.

Om half vijf liep ik weer naar mijn auto en ging terug naar Burbank. Een heel slecht idee, want ik was even vergeten dat ik over de 101 moest. De meest dramatische snelweg van LA (tussen 16:00 en 19:00 uur) en ik kwam dan ook midden in de file terecht. Maar zelfs daar werd ik niet chagrijnig van, ik zette een leuk muziekje op bedacht me even hoeveel mensen er wel niet een moord voor zouden doen. Op de Freeway in Los Angeles in de file staan. Met uitzicht op de bergen, Hollywood op de borden boven de snelweg en de zon die door het raam naar binnen schijnt..

zaterdag 1 maart 2014

''I'm not made of sugar!''

Donderdagmorgen wist ik heel even niet meer wat ik moest gaan doen, het was de tweede dag van mijn ‘‘weekend’’ en omdat er in LA eigenlijk téveel is om te doen, wist ik het even niet meer. Het weer was beter dan woensdag, er waren een paar wolkjes, maar de zon scheen. Dus dat maakte al veel goed. Ik nam een douche, regelde mijn autoverzekering (nu kan ik eindelijk mijn Californische rijbewijs halen, hoeraa) en ging even skypen. Uiteindelijk bedacht ik me dat het de perfecte dag was om iets aan sightseeing te gaan doen. 

Dus stapte ik in de auto op weg naar Beverly Hills om te gaan shoppen op Rodeo Drive. De route daar naar toe was al een hele beleving, Google Maps leidde mij door de heuvels en zorgde ervoor dat ik stil werd van wat ik allemaal zag, wat opzich geen hele grote prestatie is wanneer je alleen in de auto zit, maar toch. De mooiste palmbomen, de langste oprijlanen en de grootste auto’s. Dit is wel dé plek waar heel, heel veel geld zit, en dat op nog geen dertig minuten rijden van mijn huis. 



Iedere keer verbaas ik mij weer hoeveel verschillende gezichten LA heeft. 30 Minuten de ene kant op en ik zit in het duurste stukje LA, in Beverly Hills. 30 Minuten de andere kant op en ik zit in een heel ander stuk van LA, de San Fernando Valley. Een kwartiertje rijden en ik sta op de Walk of Fame tussen alle toeristen en mijn eigen wijk is net een dorp. De mensen groetten wanneer ze elkaar op straat tegen komen. Mensen zijn in hun trainingspak de hond aan het uit laten, beginnen de dag al joggend of brengen de kinderen naar school.

In Beverly Hills vond ik na drie kwartier rond rijden (en 38 keer de verkeerd te zijn gereden) eindelijk een parkeerplaats met een uur gratis parkeren, ik ben en blijf een Nederlander. Ik stapte uit de auto, maakte vier foto’s van waar m’n auto stond, voor het geval ik mijn auto niet meer terug kon vinden, en liep de parkeergarage uit. Op naar Rodeo Drive én Beverly Drive. 



De zon scheen en met m’n zonnebril op en tas in mijn hand voelde ik me wel thuis



Rodeo Drive is zoals in de films, met grote auto’s, de duurste winkels en de meest dunne vrouwen die ik ooit gezien heb. Met op bijna iedere straathoek een Chanel, Louis Vuitton, wenkbrauwspecialist, nagelsalon of voetenspa is het wel duidelijk dat hier uiterlijk en geld de twee meest belangrijke dingen zijn. Ik genoot van alle diva’s die op straat liepen en de snelle zakenmannen die in hun voorgereden auto stapten. En iedere man leek ineens op Tom Cruise en iedere vrouw op Kim Kardashian, maar helaas, nog steeds heb ik geen echte ster gespot. Ik heb nog elf maanden..



Mijn eerste doel was het Beverly Wildshire, hét hotel waar de film Pretty Woman is opgenomen. Ik maakte daar een paar foto’s van, die helaas iets mislukt zijn doordat de zon te fel scheen. 



Na een paar straten kwam ik ineens een park tegen tussen twee kantoorpanden in, met een gras veld, tafeltjes en stoeltjes en verschillende fonteinen.  Er tegenover was een parkeergarage met twee uur gratis parkeren en omdat mijn uur bijna afgelopen was, haalde ik de auto op en parkeerde in de garage een straat verder, toch weer twee Skinny Vanilla Latte's bespaard. Ik haalde een salade bij Whole Foods, een supermarkt met alleen maar gezond en biologisch eten. Past helemaal in het Beverly Hills plaatje. Vooral de afdeling zaden waar het een drukte van belang was, zaden eten wordt in Nederland steeds hipper, maar hier is het helemaal een mega hype.


Met een salade in een hip bakje zat ik even later in het parkje tussen de zakenmannen en shopaholics met minimaal acht verschillende tassen van Versace, Chanel en bergen andere designers. Om drie uur ging ik weer op weg naar huis, dit keer over de snelweg wat ook een beleving opzich is. Zijn de snelwegen in Nederland gewoon vlak, wordt er duidelijk aangegeven wanneer er een afslag komt en zijn de lijnen goed zichtbaar. Hier op de freeway is dat allemaal niet het geval. Er is geen afrit van 1,5 kilometer lang, maar iets voor de afrit staat een bord en dan moet je eigenlijk meteen rechtsaf slaan, anders ben je de hele afrit al voorbij. Wat mij natuurlijk al vierentwintig keer is overkomen. De snelwegen zitten hier vol met gaten, heel af en toe staat er eens een pionnetje aan de zijkant, waarschijnlijk vergeten weg te halen door de wegwerkers tijdens een poging gaten vullen. De strepen tussen de verschillende banen moet je zoeken met je vergrootglas en zijn dan een mile lang goed aangegeven, de volgende twee Mile moet je maar op gevoel rechtdoor rijden en zorgen dat niemand je raakt. Daarbij komt nog dat de gemiddelde freeway zes- of acht baans is, en inhalen van rechts gewoon toegestaan is. Het is een redelijke uitdaging, maar iedere keer ben ik weer apentrots als ik zonder deuken en met allebei m’n zijspiegels nog in tact weer de snelweg af kom.  

Eenmaal thuis besloot ik nog even te tanken, een volle tank kost hier 33 dollar (net geen 24 Euro) en dat maakt tanken meteen stuk leuker. Ik pakte mijn laptop in toen ik thuis kwam en ging nog even naar de ‘Corner Bakery’, een café met geweldige  taarten en cake en lekkere koffie. Ik regelde nog wat bankzaken, stuurde wat mailtjes en om zes uur was ik op weg naar Hollywood voor een diner met Veronica. We gingen samen pizza eten bij het Highland Center, tegenover het Dolby Theater waar morgen de Oscars worden uitgereikt. De voorbereidingen waren in volle gang, overal stonden hekken, er werden grote tenten opgebouwd, er stond op iedere twee meter een beveiliger en er renden veel gestreste mensen rond, allemaal luid schreeuwend in een portofoon. 



Voor het geval iedereen denkt dat ik zondag front-row bij de rode loper celebs sta te spotten, ik moet gewoon werken van twee tot elf uur ’s avonds. Lang leve het leven van een trainee.


Vrijdag was de dag van het grote slechte weer. Voor de inwoners hier een feestdag, het heeft al eeuwen niet geregend. Omdat ik pas om twee uur hoefde te werken en het nou niet echt uitnodigend was om naar buiten te gaan, stond ik mezelf toe om zo lang mogelijk in bed te blijven liggen. Ik opende Twitter en zocht op ‘Los Angeles’ en ‘Burbank’ en dat was het slechtste idee ooit. 



Ik zag foto’s van auto’s die half onder water stonden, winkels die vol water gelopen waren. Honderden berichten over omgevallen bomen en ik kreeg ondertussen nog een Alert van de LA Times om vooral binnen te blijven want er was een grote kans op overstromingen. Zelfs met het weer is Amerika een land van uitersten. Zat ik de dag ervoor nog volop in het zonnetje en was het in mijn t-shirt zelfs nog te warm, nog geen 12 uur later was de kans dat er een palmboom op m’n auto zou vallen groter dan de lotto winnen. LA veranderde in een soort Nederland op een slechte herfstdag, maar dan net een standje erger omdat ze hier geen Rijkswaterstaat hebben en ook geen Watersnoodramp hebben meegemaakt. Dus lagen de straten vol zandzakken en deed ik een schietgebedje dat mijn auto dit allemaal zou overleven. Mijn huis is gelukkig op de eerste etage, dus mijn inboedel was veilig. En ik zelf ook.
Toen om half twaalf de regen stopte wilde ik toch ergens lunchen en even mijn huis  uit. Ik deed voor het eerst sinds ik hier ben mijn laarzen aan en trotseerde de regen. Ik sprong een gat in de lucht toen mijn auto gewoon startte en de hoofdwegen nog redelijk begaanbaar bleken.



Tot ik om twee uur naar mijn werk moest en er ineens weer een regenbui à la er-valt-even-tien-centimeter-regen-per-uur naar beneden kwam. Zonder paraplu, de paraplu’s die ze hier verkopen zijn of allemaal uitverkocht of ineens achtendertig keer zo duur. Dan maar met m’n tas boven m’n hoofd naar de auto rennen, zoals iedere LA-er deze dagen doet. De route naar mijn werk was bergafwaarts, wat betekent dat rijden op de rechterbaan onmogelijk was want er stond een halve meter water (niet overdreven). Inmiddels weet ik hoe het ongeveer moet zijn als je met je auto een rivier in rijdt. Ik deed mijn best om door te ademen, als iedereen dit hier aan kan, zou het mij ook moeten lukken. En zo’n half uur later (een kwartier langer dan normaal), kwam ik op mijn werk aan. Wat ik geleerd heb? Dat mijn auto in ieder geval waterdicht is. En dat het hotel op z’n Californisch gebouwd is en dus niet helemaal gemaakt was voor stormen zoals deze. 



Het was dan ook mega druk op de telefooncentrale met interne telefoontjes en de Technische Dienst én Housekeeping draaide bergen overuren.
Maar het hotel staat nog, ik leef nog en mijn auto en huis zijn ook nog in tact. Eind goed, al goed.

Na een heel kort nachtje, ik was om kwart over elf thuis en moest om zeven uur weer beginnen vanmorgen. En dus ging om kwart voor zes de wekker. Na een razendsnelle douche en een vlug ontbijtje stapte ik weer de auto in om te gaan werken. Het miezerde en aan de plassen te zien heeft het afgelopen nacht alsnog erg hard geregend. Ook vandaag was het weer druk, druk, druk. En klagen de Amerikanen als nooit tevoren. Ondanks dat iedereen blij is met het feit dat er eindelijk regen is (want ‘‘we’’ hebben het nodig),  hebben ze hier nog steeds slecht geslapen, zijn half ziek, kwamen te laat omdat het waaide op de snelweg of zijn boos omdat ze nat geregend zijn. Ik moet daar nog wel aan wennen, de manier waarop er hier geklaagd wordt de hele dag door. In Nederland wordt klagen gezien als negatief en indirect als geen goede werkhouding. Hier is het de mentaliteit en valt er altijd iets te klagen. Misschien is dat ook wel iets Californisch (je kan hier om het minste of geringste iedereen aan-klagen), of geldt dit alleen voor de mensen waar ik mee omga (ik wil niet iedereen over één kam scheren), maar het valt mij wel op als één van de grootste verschillen met de Nederlandse mentaliteit.
Maar verder zijn mijn collega’s wel echt leuk. Ik leer langzaam maar zeker meer mensen kennen en herinner mij hun namen.  Ook zijn er inmiddels meer mensen die mij kennen, dan dat ik hen herken, wat lijdt tot hilarische momenten. Bijvoorbeeld toen ik vanmiddag naar de parkeergarage liep en achter me hoorde; ‘‘BYE Anne, have a GREAT night!!’’. Ik keek om en zag een oudere collega die ik volgens mij nog nooit gezien heb, met een big smile op z’n gezicht uitgebreid naar mij zwaaien. Ook zijn collega’s geïnteresseerd in waar ik vandaan kom. Wat zich uit in; ‘‘Do you smoke weed?’’ Uh, nee!  ‘‘The Netherlands?! That’s the country of the Little Mermaid!’’ Nee, die komt uit Denemarken. ‘‘Ah, you live nearby FC Barcelona!’’ Nee, Barcelona is zo’n twee dagen rijden vanaf mijn huis. ‘‘So you speak Vlamish?’’ Nee, dat spreken ze in België, niet in Nederland. ‘‘Uh you’re from The Netherlands? But CP (de Rooms-division manager) told me that you are from the same country and he is from Holland?’’ Ja, The Netherlands en Holland zijn hetzelfde. ‘‘Do you knowVandervort?’’ Ah, Van der Vaart? Ja natuuurlijk!

Net voor ik vertrok vanmiddag liep ik langs het kantoor van de Front-Office-manager, hij vroeg of ik weg ging en ik antwoordde dat ik over vijf minuutjes zou gaan. ‘‘Thanks for everything todayAnne, you did a great job, and enjoy your evening!’’ En ik kan niet meer stoppen met glimlachen.